Homo deus

Ben nu een boek aan het lezen: Homo Deus, Yuval Noah Harari. Een kleine geschiedenis van de toekomst. Hoe toepasselijk in deze tijd. Het boek zet me aan het denken. Een aspect bijvoorbeeld wat echt even iets duidelijk maakt en in perspectief zet:

In 2010 zijn er drie miljoen mensen overleden aan obesitas en verwante ziekten, terroristische aanslagen wereldwijd 7697 mensen.

Terroristen spelen in op angst en zetten aan tot haat. Het is een show die aanzet tot angst en paniek om zo hele bevolkingsgroepen op te zetten tegen elkaar.

Een prachtig voorbeeld wordt gegeven, net als een mug in een porseleinenwinkel. Die mug kan geen theekopje omgooien, maar kan wel een stier in die ruimte helemaal gek maken als die in het oor gaat zoemen en die stier alles omvergooit.

Een eenmansactie die een hele stad op slot gooit, de meest speciale politie-eenheid de straat op gaat en alles uit de kast wordt gehaald om “veiligheid” te creëren. Terwijl net het tegenovergestelde gebeurt.

Zie de gebeurtenissen Utrecht, maar ook al vele andere aanslagen, waarbij het in de meeste gevallen zelfs geen terrorist was, maar een waanzinnige die een eenmansactie voerde.

Het kwaad is dan de actie en reactie van de mensheid zelf. Van een mug een olifant maken en het kwaad is geschied. Een politiek veld wordt er gecreëerd om nog meer verdeeldheid te genereren. Bevolking nog meer uit elkaar te drijven en de schijn te wekken door grenzen te sluiten en het kwaad buiten te houden, schijnveiligheid. In een tijd waarin wapens steeds makkelijker te krijgen zijn en er waanzinnigen zijn die tot een wanhoopsdaad gedreven worden en onschuldige mensen gaan vermoorden.

Maar het ergste van dit alles is, de focus op enkel dat wat zo negatief is. Verbanden met godsdiensten leggen die zelfs geen enkele relatie hebben met religie of afkomst.

Wat er dan sowieso gebeurt is enkel dat zien en horen wat ook een onderbouwing is van die eigen negatieve gedachten.

Twee elementen die hierin een rol spelen. Het eerste is enkel de focus op het negatieve. Als je een dikke zwart stip op een A4 tekent en vraagt aan een groep mensen om te beschrijven wat ze zien, zal een groot deel enkel de zwarte stip noemen en het helemaal niet hebben over al dat wit er om heen of het papier, het materiaal waarop de stip geschreven is.

Tweede is de mindset op dat wat je graag wilt zien en horen. Vergelijkbaar met als een koppel in blijde verwachting is, zij dan veel meer zwangere vrouwen zien. Of als iemand een bepaald merk auto gaat kopen ook dat specifieke merk meer op straat gaat zien. Dus zij die social media bekijken of het nieuws even scrollen, dan vooral dat zien om hun eigen kleur nog meer te onderbouwen.

En dit alles maakt dat mensen vanuit een bepaald perspectief naar de wereld kijken, zorgen hebben en uiteraard daar naar gaan handelen.

Wat ik hoop dat toch veel mensen het mooie blijven zien van de mens. Vanuit de gesprekken die ik met zo veel patiënten heb, gesprekken die waarschijnlijk nooit voor een groot publiek te horen zullen zijn, gesprekken die vaak genoeg gaan over dat wat iemand heel erg raakt en men zeker niet zo maar naar buiten brengt, maar wel stuk voor stuk kleur geven aan de mensheid. Ik hoop dat er genoeg mensen positief blijven kijken naar andere culturen, van elkaar leren en nieuwe dingen ontdekken, open minded zijn en daarmee elkaars wereld beter begrijpen.

Het boek Homo Deus laat ook zien dat enkel nog maar twee generaties geleden, ziekten, oorlogen en natuurrampen miljoenen slachtoffers heeft gemaakt, dat we nu in een tijd leven waarin er al twee generaties zijn die geen oorlog kennen. Epidemieën bijna altijd te behandelen zijn. HIV, aids, SARS, ebola, noem maar op, het gaat “even” aan ons voorbij. De zwarte dood en de Mexicaanse ziekte hebben nog niet zo lang geleden hele bevolkingsgroepen van de aarde gevaagd. In een tijd dat bovennatuurlijke krachten en God als enige oplossing werden gezien.

We leven nu in een tijd waarin er niemand meer omkomt van de honger. Er wel genoeg arme mensen zijn die in diverse landen honger lijden, maar er niet meer aan overlijden. Het zou nog zo veel beter kunnen, alleen als we elkaar meer zouden vinden. Grenzen niet zouden bestaan en er meer geld verdeeld werd. Om ook die mensen te helpen die het echt nodig hebben.

Zij die dit kunnen lezen, hier nu, ik weet zeker, jij hebt een dak boven je hoofd, elke dag te eten, een bed om in te slapen, een ziektekostenverzekering, je kunt gaan en staan waar je wilt, hebt mensen om je heen waarmee je kunt praten en last but not least, vrijheid. Vrijheid om dit hier te lezen, een mening te hebben en het is aan jou wat je doet. Welke steentje zou jij kunnen bijdragen om deze wereld een beetje beter te maken voor zij die het geluk niet hebben gehad in het goede land geboren te zijn?

Un Abrazo Para Los Amigos

Afgelopen vrijdag was ik op bezoek bij Math en Tonny Roijen. Bijzonder mooie mensen die ik mocht ontmoeten. Vrienden van mijn ouders en via Facebook al jaren vrienden met mij. Maar nog nooit live ontmoet. Wetende dat wij ons hart voor mensen op dezelfde plaats hebben zitten, goed willen doen voor de mens op deze wereld. Daar waar mogelijk echt iets betekenen om iemands leven beter te maken. Zij dit het nodig hebben kwaliteit van leven te geven. Math en Tonny hebben hier hun levenswerk van gemaakt en daar wilden we het sowieso over hebben.

Een levenswerk waar uiteindelijk de stichting Un Abrazo Para Los Amigos uit voort is gekomen. Letterlijk vertaald “Een knuffel voor vrienden”. Maar het is meer dan dat, het is één grote passie en empathie voor de wereld van heel veel armoedige kinderen in Argentinië. Math heeft daar lang geleden gewerkt en zag de armoede, de armoede die zijn hart brak, maar hem wel de belofte liet maken dat mocht de tijd komen dat hij en zijn vrouw de mogelijkheid hadden om iets voor deze kinderen te betekenen dan zouden ze teruggaan naar Argentinië. En zo geschiede.

De officiële doelstelling van deze stichting “Un Abrazo Para Los Amigos” is om met projecten het onmogelijke mogelijk te maken. Om mensen te laten zien dat ondanks alle ellende en armoede, onderwijs en het creëren van werk waar je geld mee kunt verdienen altijd mogelijk is. Kinderen vakken te leren waar ze later zelfstandig mee verder kunnen. De Engelse taal eigen maken, zodat deze kinderen straks een streepje voor hebben en daarmee betere kansen op de arbeidsmarkt krijgen. Voor onderdak en eten zorgen en zij die hulpbehoevend zijn door een handicap hulp bieden. Straatkinderen die zonder Un Abrazo Para Los Amigos een vreselijk leven zouden hebben, laat staan überhaupt een goede toekomst zouden kennen.

Hoe mooi om te zien hoe de familie Roijen zo veel kan betekenen en dat al jaren lang, daar in Argentinië. Een druppel op een gloeiende plaat? Stel dat dat het argument zou zijn om het niet te doen, dan was de strijd al lang verloren. Dit is meer dan die ene druppel, het is een inspiratiebron voor velen om door te gaan, een voorbeeld te zijn voor anderen om goed te doen. Dat wie goed doet, goed ontmoet. En elk kind hierdoor geholpen is, toch weer één kind is met een prachtige toekomst, wie weet hét kind dat straks ooit nog politiek actief gaat zijn en een rolmodel kan zijn voor vele anderen, misschien zelfs president van het land mag gaan zijn.

Bruggen bouwen, huizen om in te wonen, scholen om goed onderwijs te geven. Géén muren om grenzen dicht te timmeren en daarmee proberen mensen buiten te sluiten. Níet eerst aan jezelf denken en dan pas aan anderen, dat mag en moet het voorbeeld niet hoeven te zijn.

Problemen in de maatschappij moet je daar aanpakken waar de bron zit. Goed onderwijs en een leerzame opvoeding geven, dat is wat er in deze wereld nodig is.

Elke knuffel die dat mogelijk maakt is er één. Alle kleine beetjes helpen. Samen het onmogelijke mogelijk maken. Wonderen bestaan, we maken er zelf deel van uit.

Een like op de FB-pagina van deze stichting kan echt al iets uitmaken. Dus mocht je deze stichting willen steunen, is alleen al jouw like zeker de moeite waard!

Dank!

Laten we samen deze wereld daar waar mogelijk een beetje beter maken. Het zijn wij die nu leven die het toch moeten doen. Niemand anders.

Cliché, maar de wereld verbeteren begint echt bij jezelf.

Link naar FB-pagina Un Abrazo Para Los Amigos

Mijn moeder 75 jaar

75 jaar wordt ze vandaag (26 januari), mijn allerliefste moeder. Mijn moeder waar ik zo veel van geleerd heb en gelukkig nog steeds. Niet enkel van wat ze mij en m’n twee broers allemaal weer keer op keer opnieuw gezegd heeft; belangrijke lessen voor het leven, waar we op moeten letten, waar we rekening mee moeten houden, maar vooral ook het voorbeeld zij ons altijd gegeven heeft.

75 jaar, 48 jaar is ze al mijn moeder, zorgen dat ze zich maakt, nog steeds, om haar kinderen en nu ook haar kleinkinderen. Het blijft een moeder in hart en nieren.

Ik hoop zo dat ze trots mag en kan zijn op wat ze ons allemaal meegegeven heeft. Dat ze mag genieten van wat ze van ons als mens gemaakt heeft.

Kinderen opvoeden is echt niet makkelijk. Zeker niet als moeder. Sorry, dit is niet gender-proof, maar ik denk dat er een verschil zit in hoe een vader hierin staat ten opzichte van een moeder. Moeders zijn toch vaker zorgzamer en maken zich zorgen over van alles. Vaders ook wel, maar meer van “Het komt goed”, “Die redt zich wel”.

Ik ga haar vandaag een groot boeket bloemen geven en een heel dikke knuffel en kussen, met de woorden dat ik van haar houd.

En dit blog schrijf ik in de hoop dat er jongeren zijn die dit mogen lezen, hun bewust te maken dat moeders het altijd goed bedoelen, dat als je jong bent je vaak er zo maar van uitgaat dat ze nog lang te leven hebben en het gevoel een moeder en vader hebben zo vanzelfsprekend is. Je er niet bij stil staat dat het zo de 75ste verjaardag kan zijn en de momenten dat je dan nog kunt laten blijken dat je dankbaar bent, steeds waardevoller worden.

Als je dat gevoel eerder te pakken hebt, je eerder bewust bent van hoe bijzonder dat is, dat je daardoor net veel bewuster die mooie momenten samen te delen hebt. Om straks, later, in de hoop veel later, mooie herinneringen kunt hebben en je jouw ouders in je hart een warme plek kunt geven, om ze nooit en te nimmer te kunnen verliezen. Dan zullen ze voor altijd bij je zijn.

Vrijheid van meningsuiting 2.0

Vandaag de eerste congresdag NVKF. Nederlandse Vereniging Klinisch Fysici. Heel veel geleerd over techniek en de audiologie. Het thema “Daar zit muziek in” is ons natuurlijk als klinisch fysicus – audioloog op het lijf geschreven.

In de plenaire sessies ging het óók over cybersecurity en de blockchain-technologie.

Hoe apart dan als de dag wordt afgesloten met avondspreker humorspecialist, Michiel Peerenboom, die enkel met data van klinisch fysici gevonden op internet, bijna de gehele avond vult met de ene goeie grap na de andere. Voorzitter Lieke Poot steelt hierbij met haar tweets op een positieve manier de show.

Peerenboom maakt fake news zo fake dat het bijna echt is. Of was het toch echt?! Authentieke digitale informatie over ons, de fysici, de persoon, over ons vak klinische fysica op het web. Ik zie ook tweets en foto’s van collega’s én van mezelf voorbijkomen. Tweets die ik zelf niet meer wist dat ik ze ooit geschreven had.

“Gesproken woorden vergaan, geschreven woorden blijven bestaan”. Een spreuk van mijn pa die lang geleden een drukkerij had, nu krijgt die spreuk wel een geheel andere betekenis. Ze blijven inderdaad bestaan, die woorden die niet vergaan en erger nog, je kunt er dus altijd weer op aangesproken worden ook al is dat moment, die context waarin je het schreef allang voorbij.

Met al dit vandaag gezien, gehoord, besproken is mij één ding duidelijk geworden. De woorden van Minister Kaag op 30 september jongstleden in Amsterdam bij de Abel Herzberglezing 2018: “Wees niet stil, wij zijn met velen”, haar roep om een tegengeluid te durven geven, begrijp ik nu nog beter.

We gaan een tijd tegemoet waar je als persoon, als mens, heel kwetsbaar gaat zijn. Elk woord, foto of like op het digitale web staat er voor eeuwig op. En ooit, dan ben jij het vergeten, maar dan is er een cabaretier die er even van uitgaat dat wat er openbaar staat op het world wide web, ook zonder probleem gebruikt kan en mag worden om er grappen mee uit te halen.

Nu nog grappig, maar waar hier nog gelachen wordt kan het geschrevene straks anders worden geïnterpreteerd.

Daarbij komt dat het schijnt dat hackers je makkelijker weten te vinden. Wat je doet, waar je bent. Even een paar klikken en genoeg informatie online te vinden. Onze avatar, de digitale persoon die mijn naam draagt en ik zelf ook nog wel ben, maar in het echt toch heel anders is, krijgt een eigen bestaan.

Wat mij vanavond opvalt bij ook maar één tweet die ik in mijn onschuld toch nóg schreef over die blockchain en de bitcoin en net gepost heb, dat er meteen mensen op reageren zonder een echt profiel. Mensen die een bijnaam hebben die zeker geen normale naam kan zijn. Nee, het is volledig anoniem, zonder een link naar een naam of persoon die te traceren is. Veilig. Makkelijker ook om zo een mening “openbaar” te delen. Te schrijven wat je maar denkt. Niemand die je vindt.

Vrijheid van meningsuiting 2.0? Je mag je mening wel uiten op het moment je vrij bent van je eigen naam?

Welkom in de nieuwe wereld. Of is het de oude wereld? Terug in de tijd. De tijd vóór Napoleon, waar mensen nog geen namen hadden, geen adres. Anoniem. Alles kon, alles mocht. Geen grenzen. Wie deed je wat? Chaos.

“Wees niet stil, wij zijn met velen.”

De stilte doorbreken? Je stem laten horen? Welke stem?

Is die stem nog wel van mij?

Ik ga slapen, morgen vroeg op en mag ik een lezing geven over kunst en tinnitus. Twee werelden waar ik mij zo graag wel in wil verliezen. Waarom?

Het antwoord gaf vandaag een oud-collega, klinisch fysicus, Peter Kraft.

Omdat wij klinisch fysici zijn, natuurkundigen die van van nature van mensen houden. Wellicht heeft hij daar een punt. Want oprecht: Ik houd van mensen, met of zonder een echte naam.

Morgen weer een nieuwe dag.

Ferrari World

De Turksche Lira in een vrije val, de financiële markt siddert op haar fundamenten. Net als de Ponte Morandi zou de markt als een kaartenhuisje in elkaar kunnen storten. Voorzorgsmaatregelen geboden? Bezuinigingen op onderhoud bruggen? Handelsoorlogen?

Maar waarom, waarom laat de politiek geld zo veel belangrijker zijn dan het leven om ons heen?

Alles is voor handen, we kunnen de grootste ingenieuze bouwwerken maken, ik zet de TV aan en kijk naar miljardairs die hun droomhuizen laten bouwen en er met waanzinnige constructies en extraorbitante bedragen architectonisch wonderen worden neergezet. Ferrari World Abu Dhabi in de Verenigende Arabische Emiraten spant de kroon, een door de mens ontworpen en daadwerkelijk gerealiseerd gebouw, een bouwwerk dat elke grens van de wetten der natuur en financiële mogelijkheden te boven gaat. Arbeiders in onmenselijke omstandigheden als poppetjes worden ingezet, de opdrachtgever als een koning, nee, als een Romeinse keizer het terrein komt checken en ook nog eens een arrogante houding heeft en een grote mond over details die kant nog wal raken. Maar het moet en zal gemaakt worden, kost wat kost.

Geen enkele empathie of gevoel voor wat daar voor een wonderbaarlijks is ontstaan. Mensenhanden iets mogelijk hebben gemaakt dat het menselijke denkvermogen van velen overstijgt, behalve dat van de architect die het ontworpen heeft. Met grote ogen kunnen we zelfs vandaag de dag vanuit Google earth het rode Ferrari-dak vanuit het heelal zien. Waanzin, Google maps Ferrari World Abu Dhali en aanschouw het wonder vanuit het heelal.

En tegelijk gaan er duizenden mensen dood, omdat er geen geld is ze een dak boven het hoofd te geven. Worden teruggestuurd in boten. Tegelijk zijn er twee van diezelfde kemphanen als die Ferrari baas die al te graag met hun machtspositie en hun ego aan het spelen zijn op het wereldtoneel. Twee heren die zo dom zijn en niet inzien dat met die grootheidswaanzin, een hele wereldbevolking onder angst en verderf leeft, enkel omdat zij zo nodig op hun manier politiek willen bedrijven. Hun namen voor altijd de geschiedenis zullen ingaan als de mannen die met hun enorme drang naar macht net dat verloren hebben waar zij groots in wilde zijn. Als een groot mens die wonderen zou verrichten.

Terwijl dat laatste zo eenvoudig is. Zo makkelijk. Want iedereen zou dat kunnen. Daarvoor is rijkdom in geld niet nodig. Rijkdom. Rijk en dom, dat die woorden überhaupt samen kunnen gaan zegt ook al genoeg. Wat is rijk? Rijk is niet heel veel geld. Rijk is om goed te doen en zo sterk te zijn dat uiteindelijk iets groters ontstaat dan een dak of een groot huis boven je hoofd. Rijk is die persoon die er voor vele anderen heeft kunnen zijn. Rijk is degene die vanuit een goed hart de wereld voor vele anderen een beetje beter heeft kunnen maken.

Een inspiratiebron voor anderen om ook enkel goed te gaan doen. Dat is pas rijk.

Geld speelt dan geen enkele rol meer, die persoon is zo groots en heeft zo veel om te geven. Daar komt geen einde aan. Aretha Franklin, dat ze moge ruste in vrede, respect voor wat zij ons heeft achtergelaten. Een schat aan waardevolle inspiratie, teksten in de muziek, een kunstenaar met woorden. Maar vooral haar kracht om een goed mens te zijn.

Zo veel mensen die zo zouden kunnen geven, maar die power die ze hebben niet op deze manier inzetten en al die rijkdom die ze hebben domweg laten wegvloeien en vergaan. Rijkdom heeft pas zin als het ook wordt ingezet om er wonderen mee te verrichten. Wonderen waar de mensheid ook iets aan heeft. Elon Musk heeft het een beetje in zich, maar zijn grootheidswaanzin staat deze man ook vaker in de weg, dan dat het iets brengt. Op Mars gaan we echt niet kunnen wonen. Ons eigen melkwegstelsel gaat er sowieso ooit er aan. We zullen zelfs verder moeten gaan dan Mars om te overleven. Maar goed het is een begin. Zoals André Kuijpers zo mooi zegt, in de ruimtevaart zijn we net het stadium van baby aan het ontgroeien. We hebben nog net het lopen geleerd. Er is nog zo’n lange weg te gaan. Letterlijk en figuurlijk.

Anderen die geven vanuit rijkdom, Bill Gates. Mark Zuckerberg. Zo veel te geven en vooral de wereld een beetje beter willen maken. Maar dat is echt niet genoeg. En het is nog wereldwijd geen common good. Het zou een manier van leven moeten zijn. Als dit namelijk een collectieve levenswijze zou kunnen zijn, dan zou geld geen probleem meer hoeven te zijn. Zij die dan veel te geven hebben, rijkdom hebben, delen het waardoor ook anderen weer meer te geven zouden hebben en we doelen die de wereld zouden kunnen verbeteren tot uitvoer zouden brengen. We zouden nog veel meer wonderen kunnen brengen, niet enkel architectonisch, maar zeker ook in de medische wereld. Onderzoek zou sneller gaan en meer succes geven. Iedereen gelukkig.

Is talent niet ook uiteindelijk wat ons als mens gegeven is?

De kennis en kunde om er samen hier op deze aardkloot het beste van te maken? Ieder heeft zo zijn eigen talent. Dat maakt ook dat we samen moeten werken. En het talent van iemand anders moeten koesteren, iemands talent moeten gunnen.

Zodat we die rijkdom die we samen hebben kunnen doorgeven aan onze nieuwe generatie, de kinderen die na ons komen en straks zelf volwassen zijn en dat moeten doorgeven om als mens te groeien. Zelfs een zangeres kan wonderen verrichten, anderen kracht geven om moeilijke tijden te doorstaan of een inspiratiebron dus zijn om goed te doen.

Zou het daarmee niet een groter doel kunnen bedienen om als mensheid in dit immense heelal te kunnen overleven?

Miljarden lichtjaren kijken we nu al in de ruimte weg en nergens anders in die oneindige ruimte space is er ook maar een plekje te vinden waar we vergelijkbare omstandigheden hebben als hier op planeet aarde. Deze ini mini tiny place is een groot wonder dat het überhaupt bestaat!

Vraag een astronoom of een of andere natuurkundige hoe bijzonder het is dat wij hier op aarde exact die temperatuur hebben, water, lucht en vuur in balans zijn, dat wij hier kunnen (over)leven. Kunnen leven zonder ook maar enige vorm van hulpmiddelen. Wij kunnen als het ware naakt op deze aardbol rondlopen! Nergens anders in het heelal, NERGENS anders is dat mogelijk. En dat wonder maken wij en vooral die idiote egos als een Trump en Erdogan helemaal kapot. We laten handel en geld, macht en geweld belangrijker zijn dan het grote cadeau dat ons gegeven is, Leven!

De mens zelf is al als een kunstwerk, als je er langer naar kijkt ga je pas de waarde zien die er echt in zit. Pas dan ga je het nog meer kunnen waarderen dat de mens,

het leven, iets wonderbaarlijks is.

Nieuwe werelden ontdekken

Afgelopen week nam ik deel aan de stafdag Adelante, een hele dag intensief vergaderen met een groot deel van alle medisch specialisten Adelante. Als klinisch fysicus – audioloog, sinds enkele jaren met een AGB-code, lid van LAD (Landelijke vereniging voor Artsen in Dienstverband), daarmee een gelijkgesteld beroep aan de medisch specialist in de zorg en daarmee ook lid van de medische staf Adelante.

Hoe mooi ook, omdat ik van mening ben dat er een nieuwe generatie zorgverleners, maar ook zorgstructuur aan het opkomen is, waarbij wij als klinisch fysici een meerwaarde kunnen geven in die complexiteit van de hedendaagse zorg.

Een revolutie in de zorg is gaande. Sowieso al jaren een trend, het holistisch denken. Niet meer enkel inzoomen op één aspect, maar de patiënt bekijken als mens, niet als een machine waar iets in stuk is en gerepareerd moet worden, nee, ook kijken naar wat het medisch ingrijpen met de mens achter de patiënt doet.

Vaak ook de softe kant in de zorg genoemd. De psycho-sociale kant. En laat dat nu net een van mijn passies zijn.

“De mens op zich is als een kunstwerk” heb ik ooit gezegd. Elke persoon is een uniek exemplaar. Bloemen, bomen, watermoleculen, een appel, een banaan, heel veel in de natuur heeft precies dezelfde vorm en eigenschap, maar elk mens is een individu, één persoon op zich, niemand is hetzelfde. Zelfs een ééneiige tweeling geeft een verschil in karakter, in het zijn. En dat, dat maakt ons mens.

Een bijzondere eigenschap is ook dat wij kunnen nadenken over wat er om ons heen gebeurt. Wij zijn het enige wezen dat kan analyseren, beredeneren, wiskundige berekeningen kan maken om dat wat we in de natuur zien gebeuren in wiskundige, natuurkundige en scheikundige formules weten om te zetten. Met alle kennis die we nu hebben, kunnen we berekenen dat als ik die muur uit de achtergevel breek, met dat dak en die constructie erboven, precies die balk met dat gewicht en die vorm op die plek moet komen om al dat wat erboven zit te dragen en het huis veilig kunnen bewonen. Ik zit er nu midden in, een grote verbouwing thuis. 🙂

Maar dat laat mij tevens zien hoe ver wij als mens zijn in wat er allemaal al kan. Wat wij al allemaal kunnen, grote bewondering om te zien met welk een gemak die aannemer kijkt naar al dat wat in de bouw nu al mogelijk is. Maar ook om te zien welk een techniek we vandaag de dag hebben om dat alles tot in detail te berekenen en toe te passen en te maken. Maar met die bewondering waarmee ik naar de aannemer kijk, met diezelfde verwondering kijk ik nu in de zorg.

Het computertijdperk heeft namelijk al die kennis en vaardigheden in een stroomversnelling gebracht en we zijn ons daar vaak niet van bewust. Maar dat bewustwordingsproces begint er langzaam meer en meer te komen. We gaan van het meten is weten, naar wat doen we dan precies? De achterliggende gedachte van wat wil dit alles nu zeggen? Wat kan ik er mee? Het inzicht. Maar dan vanuit vele invalshoeken tegelijk bekeken. Verschillende disciplines die vanuit hun specialisme gaan samenwerken.

En dat is echt iets nieuws. Voorheen was er de dokter die enkel vanuit zijn eigen professie keek en op het moment dat deze dan vanuit zijn vakgebied niet meer verder kon, kwam de dooddoener: “Ik kan niets meer voor u betekenen” of “Sorry, maar daar moet u mee leren leven”.

Wat dat met een mens dan doet is bijna onmenselijk, de gedachte dat niemand jou meer kan helpen is zo pijnlijk, geeft zo een verlies, dat enkel die woorden je nog slechter laten gaan voelen. Terwijl er nog zo veel mogelijk is. Want ons brein is iets fantastisch.

Op dit moment ik hier deze woorden schrijf flits er in een milliseconde door mijn brein een gedachte die mij laat zien hoe geniaal dat brein is. Alleen hoe dan kan ik die gedachte in woorden hier nu op papier krijgen?

Want dat inzicht is dus het nieuwe tijdperk we ingaan. De wereld waarin die complexiteit waarin we leven, mogelijk wordt om te beschrijven, daarmee te weten hoe het werkt, dan te kunnen voorspellen, te reproduceren en als laatste stap het te kunnen toepassen. Zo zijn we al jaren als mens er mee bezig om de wereld om ons heen te beschrijven. Alleen wij als mens doen dat. Boeken worden er geschreven, video’s en documentaires gemaakt, cursussen gegeven, vakgebieden die daardoor ontstaan, dit alles steeds meer en beter.

En tot nog toe was het gericht op vooral specialisatie. Ieder met zijn eigen blik op het probleem. En daar komt de fysica om de hoek kijken, om dat alles vanuit een soort van helicopterview te bekijken, holistisch, vanaf een afstand, dat alles biedt meer mogelijkheden. Net als het kijken naar een schilderij, dan kun je met je neus bijna op het doek details zien of van een afstand het groter geheel welk een compleet nieuw beeld geeft.

Dat specialisme beperkt ons soms te veel in ons kunnen. Het geeft grenzen aan waardoor die specialist dan moet zeggen “Dit is wat ik kan, meer kan ik niet”, maar kijkend over grenzen heen, kan wel die andere collega nog iets betekenen. Een doorverwijzing doet dan wonderen. En dit is iets waar de medisch specialist zich nu steeds meer bewust van wordt. Van ketenzorg naar netwerkzorg. Ketenzorg waarin nog steeds die eilandjes los van elkaar samen werken. Zonder kennis van wat wie nu precies doet. En datgene we niet weten, daar kunnen we ook geen gebruik van maken. Maar die lacune in denken, die worden we ons nu op vele vlakken steeds meer bewust, zodat we die gaten in het systeem kunnen gaan opvullen. Net als een computernetwerk we zorgpakketten aan elkaar gaan koppelen. Steeds beter van elkaar weten wat ieders specialisme doet.

Dat inzicht had ik in een pitch van drie minuten gegoten. Want als klinisch fysicus – audioloog gespecialiseerd in de psychoakoestiek, met mijn passie voor het complexe van dat brein en dat holistisch denken om alles vanuit een groter perspectief te zien, heeft mij dit alles de mogelijkheid gegeven iets nieuws te ontdekken. De kracht die in ons zit op moment we echt samen gaan werken. Elkaar weten te vinden en er dan samen iets moois van kunnen maken.

Niet voor niets werd ik van de 26 pitches tweede met mijn pitch, een van de collega had dit nieuwe inzicht namelijk al een naam gegeven “positieve gezondheid” en daarmee had ze de eerste prijs terecht verdiend. Een project dat nu binnen Adelante schijnbaar al lopende is. Waarbij over grenzen heen gekeken wordt, in elkaars keuken, synergie, weten van elkaar wat iedereen kan. Van patiënt tot specialist. De moderne specialist en de unieke mens als patiënt.

Vanuit de Federatie Medisch Specialisten ligt er al een plan voor 2025. Rekening houdend met al deze nieuwe inzichten, waarin we als mens steeds meer controle krijgen over dat wat er met ons gebeurt.

Het is zo mooi om dat alles te zien gebeuren. Precies als met een kunstwerk dat langzaam ontstaat en steeds meer vorm krijgt, ook zo zie ik dit nu groeien, een structuur zie ik ontstaan die verbindingen legt en daarmee iets wat voorheen onmogelijk was, mogelijk maakt. Wonderen worden er verricht. Waar we eerst dachten onze grenzen te hebben bereikt, stappen we over grenzen heen en ontdekken we nieuwe werelden.

Als fysicus denk ik dan de essentie van ons bestaan als mens.

Jheronimus Bosch – Tuinen der lusten

Mijn lezing “Art meets Science: tinnitus besproken vanuit een brug tussen kunst en wetenschap” begint bij “ De Tuin der Lusten” van Jerhonimus Bosch, die in de 15de eeuw leefde in ‘s-Hertogenbosch, geboren circa 1450, circa want van het begin van zijn leven is maar weinig bekend, zelfs zijn overlijden is niet exact bekend, wel dat Bosch begraven is op 9 augustus 1516.

“De Tuin der Lusten” een prachtig drieluik over het leven, de lusten in het leven en tevens de vergankelijkheid van het leven.

In het linker paneel het begin, Adam en Eva, het paradijs, midden paneel, het leven, de aarde, het feest, rechter paneel, de hel, alle ellende, vergankelijkheid, dood en verderf.

In dit rechter paneel is een oor te zien, twee oren doorboort met een zwaard en een pijl, pijn. Ook Bosch had op het laatst van zijn leven ernstige gehoorproblemen, dat is bekend. Misschien dat daarom niet voor niets de man die dicht bij het tafereel van het oor te vinden is, een zelfportret is? Bosch leefde in de 15de eeuw, zo weinig bekend van zijn eigen leven, vandaar dat we het nooit zullen weten.

Nu was ik bij toeval ook nog bezig met een voorbereiding voor een andere lezing voor AuDidact, een jaarlijks congres voor alle audiciens in Nederland. De titel van de lezing die ik daar ga geven; Psychoakoestiek, hoe gaat iemand om met geluid? De complexiteit van ons brein. Om dit duidelijk te maken maak ik gebruik van optische illusies en zo maak ik een bruggetje naar akoestische illusies, hier een samenvatting van die lezing.

Maar nu kwam ik vandaag bij puur toeval het volgende tegen. M.C. Escher, de kunstenaar die wiskundige figuren en natuurkundige aspecten gebruikte als inspiratie voor zijn kunstwerken. Een kunstenaar met een zeer eigen stijl en die nog nooit een andere kunstenaar had gereproduceerd in zijn werk, behalve één! Jeroen Bosch. En dan precies ook dat deel uit “De Tuinen der Lusten” wat ik er uit hebt gepakt om het oor te laten zien. Maar door dit kunstwerk van Escher zie ik ook echt nu pas de “Boommens” in het kunstwerk van Bosch. Met daarbij het hoofd van de kunstenaar zelf als zelfportret, meerdere kunsthistorici die hierover geschreven hebben. Sterker nog, nu past nog meer mijn hypothese dat het oor met het zwaard en de pijlen een verwijzing zijn naar tinnitus, wel of niet bij Bosch zelf aanwezig.

Hier een link naar het werk van Escher.

Een verklaring die Escher zelf min of meer geeft is dat in deze periode van zijn leven, wonende in Zwitserland, hij en zijn vrouw nogal depressief werden door de witte sneeuw en koude in dat land. Zij waren met het hele gezin verhuisd van Italië naar Zwitserland. Zijn inspiratiebron was weggevallen. De repeterende figuren in Italiaanse potten. Bloempotten en pannen uit de méditerranée waren er niet meer. Nu was het enkel veel wit van de sneeuw.

En jaren daarvoor had Escher een expositie van Bosch gezien, met vooral De Tuinen der Lusten nog in herinnering. Maar waarom dan specifiek dat deel van het doek? Waarom aandacht voor ook dat oor? Bijzonder. Zou Escher ook tinnitus hebben gehad?

Ga ik een andere keer onderzoeken, nu eerst de volgende kunstenaar die ik op mijn lijstje had staan, Fransico de Goya.

Wordt vervolgd.

Kunst en tinnitus

Begin dit jaar werd ik gevraagd om een lezing te geven op de studiedag tinnitus bij de Vereniging voor Gedrags- en Cognitieve therapieën, VGCt, 15 juni aanstaande. De vraag was of ik een boeiende lezing zou kunnen geven, die vooral ook nog op het eind van de dag de interesse zou kunnen prikkelen van de aanwezigen.

Ooit geleerd van een TED-talk dat een boeiende lezing op vier elementen rust. Deze vier elementen vormen samen het woord HAIL:

Honesty, be clear and straight

Authenticity, be yourself

Integrity, be your word

and last but not least

Love, wish them well.

Al deze elementen in één lezing? Dan kom ik al gauw uit op een lezing over kunst gerelateerd aan tinnitus.

Kijken naar kunst is zo iets boeiends, zeker als je op details let. En ik wist uit al die jaren dat we in ons centrum onze tinnitus informatiebijeenkomst geven, dat er net ook heel veel kunstenaars zijn die een groot deel van hun leven getergd werden door gehoorklachten en met name doofheid en tinnitus. Vincent van Gogh en Ludwig von Beethoven, zij zijn hierbij het meest bekend, ook bij het grote publiek.

Naast de verwondering voor kunst heb ik mijn grootste passie gevonden in de audiologische zorg. Elke werkdag geeft zo’n voldoening om met alle kennis over het gehoor en tinnitus er te mogen en kunnen zijn voor mensen met ernstige tinnitusklachten en/of gerelateerde gehoorklachten, te denken aan misophonia, hyperacusis, Ménière, Laag Frequent Geluid.

Audiologie is zo’n mooi en boeiend vakgebied, waarin nog zoveel onbekend is en waar met steeds nieuwe inzichten mensen echt te helpen zijn. Dankbaar zijn dan ook de patiënten als je ze op het spreekuur kunt duidelijk maken wat wij vanuit ons tinnitusteam voor hun kunnen betekenen, die dankbaarheid, dat vertrouwen in ons, dat is een groot recht. Elke werkdag weer ervaren we dat in ons team.

Gehoor is in de basis de essentie van ons mens zijn.

“Nicht sehen trennt die Menschen von Dingen. Nicht hören trennt die Menschen von Menschen.” Immanuel Kant.

Dat wij met elkaar kunnen praten maakt dat we mens zijn. In woorden kunnen vertellen wat er speelt, hoe mooi iets is. Schrijven is ook al een mogelijkheid van communicatie. De woorden die je nu hier leest, maakt dat ik je kan vertellen wat ik zie, wat ik voel, wat ik beleef, hoe ik de wereld zie. De woorden “klinken” in jouw gedachte.

Maar het gesproken woord is veel krachtiger. Emotie komt er dan nog bij, intonatie, klankkleur, stiltes. Zelfs die stiltes kunnen een enorme power hebben.

Met woorden kun je kunst beschrijven, zonder woorden zou kunst niet bestaan. Enkel door erover te spreken, te weten wat er achter het kunstwerk zit, pas dan kan vaak de echte waarde van kunst worden geschat.

Kunst op zich is iets heel bijzonders, kunst maken, kunst kijken, de kunstwereld, ook daar ligt zeker mijn hart.

Beide werelden, zowel de audiologie, als ook de kunst, staan voor een groot deel op het fundament van de psychologie. De psychologie van de mens, gedachten, emotie, gedrag. Het leven.

De psychologie in de kunstwereld, waarin de waarde van kunst enkel iets menselijks is. De geschiedenis, de verhalen, die het kunstwerk kunnen maken tot vrijwel onbetaalbare kunst. De materiaalwaarde bijna nul kan zijn, maar er bij een gerenommeerd veilinghuis miljoenen voor worden betaald, kunst.

En de audiologie, met alles wat ons mens maakt. Elkaar horen, maar vooral aanhoren. Een luisterend oor zijn kan van onschatbare waarde zijn.

Honesty, authencity, integrity and love.

Mat al deze elementen van HAIL in zicht begon ik al vrij vroeg dit jaar met het verzamelen van allerlei informatie over schilderijen, kunstenaars, muziekstukken en componisten. Kunstwerken die ons iets zeggen over het leven van de kunstenaar zelf. Maar dan met name de periode en de impact die gehoorverlies en tinnitus had op het leven van de kunstenaar.

De meest interessante heb ik er uit gehaald en ga ik deze lezing verder vorm geven.

Maar er zitten hier zo veel boeiende nieuwe inzichten in en zaken die ik ontdekt heb, die ik graag met jullie hier wil gaan delen.

Wordt vervolgd.

Jheronimus Bosch – Tuinen der lusten

Vincent van Gogh

Ik had al grote waardering voor Vincent Van Gogh, na het bezoek vandaag aan het Van Gogh Museum is dit enkel maar toegenomen.

Om zo dicht bij te mogen komen, geweldig! Wat een prachtig museum. Wat een prachtig mens.

Niet voor niets dat om 9 uur meters lange rijen bezoekers al te wachten staan en je enkel in jouw tijdslot naar binnen mag. Ik was een uur te vroeg en moest wel nog op mijn tijd wachten. Eenmaal binnen begrijp je waarom. Het is een enorm groot gebouw, maar het is er al zo vroeg waanzinnig druk. Alsof het de drie dolle dagen Bijenkorf zijn.

Ik had gelukkig inclusief audiotour. En daar ging ik. Eerst oog in oog met de meester zelf. Want Vincent is mister Selfie van zijn tijd. Niet omdat hij dat deed om er geld mee te verdienen, maar net omdat hij geen geld had om modellen te betalen. Daarom zijn ook al zijn portretten vanuit een spiegel getekend. Dus hij heeft zijn beeld getekend zoals hij het ziet. Als we onszelf zien, in de spiegel, zien wij ons anders dan anderen. Daarom ook is het beeld verdraaid als je een selfie maakt, want anders zou je dat raar vinden. Sowieso moeilijker om dan qua motoriek ook een selfie te maken, maar goed. Vincent schilderde dus heel vaak zichzelf als studiemateriaal.

“Ze zeggen dat het moeilijk is jezelf te kennen, maar het is evenmin eenvoudig jezelf te schilderen.”

Vincent van Gogh aan zijn broer Theo, 1886.

En als je bij deze quote “schilderen” niet letterlijk neemt maar figuurlijk, dan wordt het een wel heel diepgaande wijsheid.

Zijn zelfportretten. Stuk voor stuk de armoede in zijn ogen te zien. Maar zo’n passie voor het schilderen, de kunst. De kunstenaar die je dan recht in de ogen kijkt. Mijn hart weent op het moment ik zie hoeveel zijn kunstwerken nu opbrengen en hoeveel mensen het museum bezoeken. Per dag gemiddeld 5000! Dat zijn ongeveer het aantal patiënten wij in ons centrum per jaar zien. En al de merchandise die rondom het museum te koop is. Zelfs een hoek waarin zeer exclusieve kopieën van de meest bekende schilderijen te koop zijn. Een zeer speciale methode in samenwerking met ik dacht Fuji. Bijna niet meer van het origineel te onderscheiden. Omdat de kopie driedimensionaal is. Dus je ziet exact de streken van de schilderskwast. Ik zag zelfs dat de barsten van de tijd in de verf erin terug te zien waren. Persoonlijk vond ik de kleur iets doffer, doods, kitscherig. Maar erger vind ik dus het uitmelken van de creativiteit van deze kunstenaar. Overigens niet alleen van deze kunstenaar, breek me de bek niet open. Hier kan ik een boek over schrijven, ga ik later beslist ooit nog doen.

Één groot werk heeft Vincent verkocht. Voor ongeveer duizend euro. Daarom doet het vooral veel verdriet, omdat ik in de ogen van Van Gogh die overlevingsdrang zie als kunstenaar. Hoe moest hij rondkomen met dat geringe geld hij had. En kosten liepen enkel op. In een van zijn laatste brieven, 820 briefwisselingen zijn er van Vincent, bewaard en gebundeld door zijn schoonzus en nu ook via het museum op internet stuk voor stuk te lezen, in een van die laatste dus een hele uiteenzetting van gemaakte kosten naar zijn broer. Theo, zijn jongere broer, ondersteunde Vincent financieel. En in die laatste jaren wordt het Vincent duidelijk dat Theo een gezin moet gaan onderhouden, getrouwd en uitbreiding van het gezin op komst. Die brief aan Theo is een verantwoording voor alle kosten die hij maakt en hoe moeilijk hij het heeft.

Die druk, dat vechten, de onzekerheid en daarnaast zijn intense liefde voor de natuur, voor de mens, de gewone mens. De Aardappeleters en al zijn schilderijen van vrienden en mensen die hem er echt toe doen. Zijn arts die hem helpt in de nacht dat hij het oor afsnijdt schenkt hij een portret. Het cadeau wordt echter niet gewaardeerd. Dat raakt Vincent enorm. Net als de kritische noten die collegae kunstenaars geven op voor Vincent zelf zijn eerste grote werk “De Aardappeleters”. Vele studies en tekeningen gingen vooraf aan dit eerste echte grote schilderij. Vandaag mocht ik het werk met mijn eigen ogen zien. Voor die tijd was Van Gogh een genie. Dat blijkt maar weer.

Naast De Aardappeleters hangt in het museum een vergelijkbaar boerentafereel. Een gezin etend aan tafel, dat in dezelfde periode door collega kunstenaar Jozef Israël is geschilderd. Prachtig werk, alle details zijn heel goed te zien. Mij viel meteen die glinstering in de eetlepel van het kind links op de voorgrond op. Een zo klein detail met wel een hele grote waarde om het allemaal heel echt te laten lijken. De sfeer op het doek is zo goed neergezet, dat als je er langer naar blijft kijken je in de ruimte waant. Dus ja, voor die tijd, wetende dat er nog geen fotografie bestond, film of bioscoop al helemaal niet, een kunststuk. Voor toen zo bijzonder als virtual reality nu. Maar Van Gogh was die tijd al lang voorbij, hij bracht ook de ziel in zijn werk. Details had hij zeker oog voor, maar hij ging toen al voor meer.

Dat hij oog had voor detail blijkt mij nu het meest uit de periode dat hij in zijn laatste jaar door ziekte niet meer naar buiten kon, binnen in de kliniek moest blijven en prenten van een collega schilder ging gebruiken als voorbeeld. Hij schilderde ze groter, in kleur, maar dan ook alles precies nageteld. Zoals het aantal balen stro en traptreden.

En in een aantal van zijn werken ook vele details die ik gemist zou hebben zonder de audiotour. Insecten op blaadjes in het groen en van dichtbij dan in detail weergegeven. Of het derde verliefd koppeltje in “Tuin met geliefden” uit 1887. Dat derde verliefde koppeltje had ik eerst niet gezien, pas toen ik er alert op werd gemaakt zag ik ze in de verte. Daarin zag ik de lol die hij als kunstenaar had. Maakte me blij.

Maar ook zijn experimenteren met kleuren. In ditzelfde prachtige werk “Tuin met geliefden” zijn van ver de minuscule verfstreken niet te herkennen. Van dichtbij is het een prachtig spel van de complementaire kleuren die Van Gogh gebruikt heeft. Hij had meerdere boeken van Delacroix. Een genie op het gebied van kleurcomposities. Daar speelde Van Gogh dan ook de hele tijd mee, met die kennis van kleur.

Met steeds grotere en dikkere halen met zijn kwast. Heel herkenbaar in zijn laatste werken. Hoe mooi om die dan ook allemaal naast elkaar te mogen zien. Aandoenlijk als ik me realiseer dat zijn einde dan nabij is. Ook hij weet dat bij het schilderen.

Delen met de wereld wil hij het, doorgeven, anderen zijn ogen te geven, de mooie natuur te laten zien, deze wereld, het paradijs waarin wij ons mogen begeven.

Ik werd geraakt door zijn drieluik, perzikbloesem, amandelbloesem en ik dacht de appelbloesem. Als een bezetene heeft hij die werken gemaakt, omdat Van Gogh wist dat de bloesemtijd maar van korte duur zou zijn.

En dan, het allermooiste werk van deze genius, Amandelbloesem, ter gelegenheid van de geboorte van zijn neefje, zoon van Theo. Theo, die de liefde voor zijn broer niet enkel in geld wist te geven, maar ook in de naam van zijn zoon, Vincent.

De kunstenaar Vincent van Gogh overlijdt ten gevolge van zijn verwondingen in zijn borst. Een zelfmoordpoging, zo lijkt, die twee dagen later toch zijn tol eist. Beide broers werden niet oud, een half jaar na het overlijden van Vincent sterft ook Theo.

De jonge Vincent, de zoon van Theo, ook ingenieur Van Gogh genoemd, heeft later het Van Gogh museum opgericht en laten bouwen. Architectuur, wie anders, Gerrit Rietveld, strakke lijnen, mooie architectuur, ook modern voor zijn tijd en gelukkig Rietveld werd wel herkend in zijn werk.

Met gemengde gevoelens ging ik na vijf volle uren Van Gogh dichtbij te hebben mogen zien het Museumplein op. Even liggen op het grasveldje voor het Concertgebouw. Waar ook verliefde stelletjes liggen in het gras, opa’s en oma’s met kleinkinderen spelen. Chinezen, Duitsers, Amerikanen, alle kleuren aanwezig zijn.

“Er is niets artistiekers dan van mensen te houden”. Vincent van Gogh

Horen is meer dan enkel oren

Gisteren een voorbespreking gehad met Dorothé van den Aker, projectmanager AuDidact.

26 en 28 mei is het zo ver. Het jaarlijkse audiciencongres in het Spant in Bussum. Bijna duizend audiciens die verspreid over twee dagen een hele dag een boeiend programma krijgen voorgeschoteld.

Het programma is al helemaal rond. En ik sta in het programma naast een zeer getalenteerd spreker Jan van Setten. Ik verheug me enorm op zijn lezing waarvan ik weet dat deze hoe ook inspirerend en leerzaam gaat zijn.

Maar aan mij ook de eer om de congresdag te mogen openen met een gesproken column. Dankzij mijn blog was het organiserend committee op het idee gekomen om mij te vragen de congresdag te openen. Het publiek meteen mee te gaan krijgen.

De titel van het congres is “In en tussen de oren”. Mijn column “Horen is meer dan enkel de oren”.

Audiologie is zo’n een mooi vak. De passie die ik heb in dit vak wil ik gaan delen met mijn collega’s. Als audioloog in een van het grootste audiologische centrum van Nederland wil ik zo graag die zorg voor slechthorenden verbeteren. De samenwerking tussen al die disciplines, huisarts, KNO-arts, audicien, audioloog, maatschappelijk werker, psycholoog en veel meer, is zo belangrijk voor een succesvolle hoorrevalidatie. Ieder zijn eigen specialisme kunnen inzetten in dat bijzonder mooi vak, audiologie. Vanuit ons centrum besteden we heel veel aandacht om die samenwerking in het netwerk continu te verbeteren.

Het hoofdthema van het congres is de Real Ear Measurement, de REM-meting. Tot in detail kunnen meten en weten wat een hoortoestel doet. Meten is weten zou voor mij als fysicus als muziek in de oren moeten klinken. Maar al vanaf het prille begin van mijn opleiding tot klinisch fysicus – audioloog werd ik geraakt door iets anders, de kunst van het horen.

Geniaal hoe dat oor werkt. Die kleine gehoorbeentjes, de kleinste botjes van het menselijke lichaam, bijna een speldenkop zo groot, beter gezegd zo klein. Die duizenden haarcellen in dat slakkenhuis, de cochlea, met in het midden het eigenlijke gehoororgaan, het orgaan van Corti. De binnenste en buitenste haarcellen. De ionenstromen, de kanaaltjes, al deze informatiestromen die uiteindelijk dan samenkomen in het brein.

Maar wat doet dat brein van ons met al die prikkels aan geluid welke wij de hele dag binnen krijgen. Dat was voor mij nog fascinerender om daar bij stil te staan.

Zo heb ik mij dan ook als audioloog gespecialiseerd in de psycho-akoestiek. Wat doet iemand met geluid. Hoe werkt dat oorsysteem in ons brein? Hoe horen wij?

In mijn opleiding natuurkunde in Duitsland had ik al in detail alles geleerd over Decibel en Hertz, die Kunst des Wahrnemens, de basis voor de fysica. Kijken en onderzoeken. Maar pas in de kliniek, in de audiologie, werd ik gefascineerd door ons oor, het oorsysteem. Ik wist van de Fouriertransformatie. De mogelijkheid om van een brei aan geluiden, al die individuele frequenties er uit te kunnen filteren. Ingenieus om te zien dat al die trillingen door dat minuscule slakkenhuisje uiteindelijk in het brein kunnen worden omgezet in iets waar we een betekenis aan kunnen geven.

Op het moment ik dit nu schrijf hoor ik dat het buiten regent, de druppels op de bladeren in de bomen vallen, ik hoor in de verte een auto rijden, ik hoor vogeltjes fluiten, een duif, een pimpelmees, een mus, ik hoor mijn eigen ademhaling, het tikken van mijn vingers op het scherm. Al die geluiden komen tegelijk binnen en ik kan precies horen waar ze vandaan komen, maar ook interpreteren waar de geluiden aan verbonden zijn, een voorstelling maken van die druppels, de vogels, die autobanden op de weg.

Horen is meer dan enkel oren. Wat er daarna in ons brein gebeurt is geniaal. Onbegrijpelijk, maar toch ga ik het proberen, om al die audiciens in Nederland mee te nemen in die complexiteit van dat brein. Om van daaruit zelfs handvatten te vinden voor alledaagse problemen bij het horen, waarvan we ons tot nog toe weinig bewust zijn. Maar net door er bewust van te worden, gaan we mogelijkheden zien om betere oorzorg te kunnen leveren. Horen is namelijk meer dan enkel oren.

Wat een mooi vak, de audiologie.

Delen mag! 😉