Spreker gezocht?

Twee weken geleden stond ik in het Spant! Bussum, het hele theater vol met collega’s uit het land, een boeiende lezing te geven over psychoakoestiek.

Voor mij persoonlijk was dit publieke optreden de laatste trede die ik nog te nemen had in mijn hele traject in het “overwinnen” van mijn spreekangst.

Een traject van vele jaren trainingen, cursussen, oefenen en “het gewoon doen”. Met kleine stappen steeds meer vooruitkomen. Om dan nu daar in het mooie theater in Bussum, het podium te nemen en het publiek een cadeau te geven. Want dat is wat je doet in public speaking. De kennis die je de ander geeft is als een cadeautje dat je weggeeft.

En het is zo leuk om cadeau’s te geven en te zien hoe iemand daar blij van wordt.

Daarom zou ik dit nu vaker willen, het spreken in het openbaar. Storytelling.

Meerdere onderwerpen die ik als thema voor een lezing kan geven:

1. Mijn vak audiologie, met name de psychoakoestiek. Wat doet iemand met geluid? Hoe werkt ons hoorsysteem? Waarom hoort de één Laurel en de ander Yanny? Wat gebeurt er in dat brein? Van het bewegen van het trommelvlies tot aan de auditieve cortex uitgelegd aan de hand van optische illusies, auditieve illusies die vaak nog zo onbekend zijn. Een leerzame lezing over het horen.

2. Mijn carrière als professioneel kunstenaar. Een inspirerend verhaal waarin als rode draad door dat verhaal uiteindelijk de twee beroepen audioloog en beeldend kunstenaar elkaar weten te vinden.

Art meets Science.

Mijn reis naar Californië. Het kunstproject in het museum of the living artist. De plek waar het kunstenaar durven zijn geboren wordt. Het park waarin dat museum te vinden was, Balboa Park. Waar ik zelfs de foto van mij, ooit gemaakt door mijn broer Jean, terugzag in het museum of Science. Ik als fysicus daar op de foto bij een opstelling over DNA te zien, met als boventitel; the doctor of the future.

3. Mijn traject welk ik gegaan ben om mijn spreekangst te overwinnen. Ik kan nu gewoon voor een hele grote zaal staan vol met kritische collega’s en mijn verhaal vertellen, zonder rood te worden, zonder de brok in mijn keel die spreken onmogelijk maakte.

Van een sociale fobie op mijn 18de tot nu professioneel spreker. Die reis, die persoonlijke reis die ik gemaakt heb, wil ik graag delen. Om mensen te inspireren en kracht te geven dat elke angst te overwinnen is. Het niet makkelijk zal zijn, maar wel mogelijk. Dat je daarbij het niet alleen hoeft te doen, maar jij het wel zelf moet doen. Zonder de bergen te beklimmen kun je de toppen niet halen. Zonder gidsen weet je de weg niet te vinden. Maar enkel al de weg die je gaat, die weg kan al heel bijzonder en mooi zijn. Het is niet enkel de moeite waard om het doel te bereiken. Het pad daarnaartoe kan zelfs nog mooier zijn. Dit is een heel persoonlijk verhaal, maar het heeft mij gemaakt wie ik nu ben. Ik had het daarom niet willen missen, zelfs niet die dalen waar ik doorheen moest gaan. Net die dalen hebben mij de lessen gebracht om te leren. Die lessen wil ik heel graag delen om vooral mensen die spreekangst hebben met dit verhaal de weg te wijzen die ze kunnen gaan om ook die berg te beklimmen, misschien via een makkelijker pad dan ik gegaan ben, maar om uiteindelijk wel op dezelfde top met dat prachtig uitzicht aan te komen.

Een inspirerend zeer persoonlijk verhaal.

4. En dan als laatste voorbeeld mijn twee passies; Kunst en tinnitus. Meerdere genieën uit de geschiedenis werden getergd door gehoorverlies en tinnitus. In de kunstwerken en muziekstukken zijn de sporen terug te vinden waar deze meesters mee te maken hadden. Vincent van Gogh die zijn oor afsnijdt. Beethoven die volledig doof werd en zijn eigen symfonieën niet meer kon horen. Munch met De Schreeuw.

De mens alleen al is een kunstwerk op zich.

Het verhaal van deze bijzonder mooie mensen vertelt vanuit de werken die zij maakte, de schilderijen waar je de strijd in ziet, het vechten tegen de tinnitus, het ernstige gehoorverlies. In een symfonie van Beethoven zelfs te horen. Hij wil het zo graag delen met de wereld. De impact die zijn verlies van het gehoor en de tinnitus heeft op zijn werk, zijn leven, zijn zijn. Een aangrijpend verhaal achter al deze kunstenaars.

Dit zijn verhalen die ik graag wil delen, mensen hiermee wil inspireren, anders te laten denken, anders te laten kijken. Naar hoe mooi de mens is. Wij als mensen hebben de mogelijkheid om over zaken na te denken, het met elkaar erover kunnen hebben, elkaar kunnen horen, maar nog beter elkaar verstaan. In al deze lezingen komt een aspect naar voren, waar je ook vandaan komt, welke achtergrond of nationaliteit, geloof, rang of stand je ook hebt, al dit speelt voor iedereen.

De mens op zich is al een kunstwerk.

Spreker gezocht voor een event, congres of college?

In een vrijblijvend gesprek kunnen we samen bekijken wat mogelijkheden zijn en wat er gewenst is qua tijd en inhoud van de lezing.

Voor meer informatie mail me:

info@dyonscheijen.nl

Jheronimus Bosch – Tuinen der lusten

Mijn lezing “Art meets Science: tinnitus besproken vanuit een brug tussen kunst en wetenschap” begint bij “ De Tuin der Lusten” van Jerhonimus Bosch, die in de 15de eeuw leefde in ‘s-Hertogenbosch, geboren circa 1450, circa want van het begin van zijn leven is maar weinig bekend, zelfs zijn overlijden is niet exact bekend, wel dat Bosch begraven is op 9 augustus 1516.

“De Tuin der Lusten” een prachtig drieluik over het leven, de lusten in het leven en tevens de vergankelijkheid van het leven.

In het linker paneel het begin, Adam en Eva, het paradijs, midden paneel, het leven, de aarde, het feest, rechter paneel, de hel, alle ellende, vergankelijkheid, dood en verderf.

In dit rechter paneel is een oor te zien, twee oren doorboort met een zwaard en een pijl, pijn. Ook Bosch had op het laatst van zijn leven ernstige gehoorproblemen, dat is bekend. Misschien dat daarom niet voor niets de man die dicht bij het tafereel van het oor te vinden is, een zelfportret is? Bosch leefde in de 15de eeuw, zo weinig bekend van zijn eigen leven, vandaar dat we het nooit zullen weten.

Nu was ik bij toeval ook nog bezig met een voorbereiding voor een andere lezing voor AuDidact, een jaarlijks congres voor alle audiciens in Nederland. De titel van de lezing die ik daar ga geven; Psychoakoestiek, hoe gaat iemand om met geluid? De complexiteit van ons brein. Om dit duidelijk te maken maak ik gebruik van optische illusies en zo maak ik een bruggetje naar akoestische illusies, hier een samenvatting van die lezing.

Maar nu kwam ik vandaag bij puur toeval het volgende tegen. M.C. Escher, de kunstenaar die wiskundige figuren en natuurkundige aspecten gebruikte als inspiratie voor zijn kunstwerken. Een kunstenaar met een zeer eigen stijl en die nog nooit een andere kunstenaar had gereproduceerd in zijn werk, behalve één! Jeroen Bosch. En dan precies ook dat deel uit “De Tuinen der Lusten” wat ik er uit hebt gepakt om het oor te laten zien. Maar door dit kunstwerk van Escher zie ik ook echt nu pas de “Boommens” in het kunstwerk van Bosch. Met daarbij het hoofd van de kunstenaar zelf als zelfportret, meerdere kunsthistorici die hierover geschreven hebben. Sterker nog, nu past nog meer mijn hypothese dat het oor met het zwaard en de pijlen een verwijzing zijn naar tinnitus, wel of niet bij Bosch zelf aanwezig.

Hier een link naar het werk van Escher.

Een verklaring die Escher zelf min of meer geeft is dat in deze periode van zijn leven, wonende in Zwitserland, hij en zijn vrouw nogal depressief werden door de witte sneeuw en koude in dat land. Zij waren met het hele gezin verhuisd van Italië naar Zwitserland. Zijn inspiratiebron was weggevallen. De repeterende figuren in Italiaanse potten. Bloempotten en pannen uit de méditerranée waren er niet meer. Nu was het enkel veel wit van de sneeuw.

En jaren daarvoor had Escher een expositie van Bosch gezien, met vooral De Tuinen der Lusten nog in herinnering. Maar waarom dan specifiek dat deel van het doek? Waarom aandacht voor ook dat oor? Bijzonder. Zou Escher ook tinnitus hebben gehad?

Ga ik een andere keer onderzoeken, nu eerst de volgende kunstenaar die ik op mijn lijstje had staan, Fransico de Goya.

Wordt vervolgd.

Kunst en tinnitus

Begin dit jaar werd ik gevraagd om een lezing te geven op de studiedag tinnitus bij de Vereniging voor Gedrags- en Cognitieve therapieën, VGCt, 15 juni aanstaande. De vraag was of ik een boeiende lezing zou kunnen geven, die vooral ook nog op het eind van de dag de interesse zou kunnen prikkelen van de aanwezigen.

Ooit geleerd van een TED-talk dat een boeiende lezing op vier elementen rust. Deze vier elementen vormen samen het woord HAIL:

Honesty, be clear and straight

Authenticity, be yourself

Integrity, be your word

and last but not least

Love, wish them well.

Al deze elementen in één lezing? Dan kom ik al gauw uit op een lezing over kunst gerelateerd aan tinnitus.

Kijken naar kunst is zo iets boeiends, zeker als je op details let. En ik wist uit al die jaren dat we in ons centrum onze tinnitus informatiebijeenkomst geven, dat er net ook heel veel kunstenaars zijn die een groot deel van hun leven getergd werden door gehoorklachten en met name doofheid en tinnitus. Vincent van Gogh en Ludwig von Beethoven, zij zijn hierbij het meest bekend, ook bij het grote publiek.

Naast de verwondering voor kunst heb ik mijn grootste passie gevonden in de audiologische zorg. Elke werkdag geeft zo’n voldoening om met alle kennis over het gehoor en tinnitus er te mogen en kunnen zijn voor mensen met ernstige tinnitusklachten en/of gerelateerde gehoorklachten, te denken aan misophonia, hyperacusis, Ménière, Laag Frequent Geluid.

Audiologie is zo’n mooi en boeiend vakgebied, waarin nog zoveel onbekend is en waar met steeds nieuwe inzichten mensen echt te helpen zijn. Dankbaar zijn dan ook de patiënten als je ze op het spreekuur kunt duidelijk maken wat wij vanuit ons tinnitusteam voor hun kunnen betekenen, die dankbaarheid, dat vertrouwen in ons, dat is een groot recht. Elke werkdag weer ervaren we dat in ons team.

Gehoor is in de basis de essentie van ons mens zijn.

“Nicht sehen trennt die Menschen von Dingen. Nicht hören trennt die Menschen von Menschen.” Immanuel Kant.

Dat wij met elkaar kunnen praten maakt dat we mens zijn. In woorden kunnen vertellen wat er speelt, hoe mooi iets is. Schrijven is ook al een mogelijkheid van communicatie. De woorden die je nu hier leest, maakt dat ik je kan vertellen wat ik zie, wat ik voel, wat ik beleef, hoe ik de wereld zie. De woorden “klinken” in jouw gedachte.

Maar het gesproken woord is veel krachtiger. Emotie komt er dan nog bij, intonatie, klankkleur, stiltes. Zelfs die stiltes kunnen een enorme power hebben.

Met woorden kun je kunst beschrijven, zonder woorden zou kunst niet bestaan. Enkel door erover te spreken, te weten wat er achter het kunstwerk zit, pas dan kan vaak de echte waarde van kunst worden geschat.

Kunst op zich is iets heel bijzonders, kunst maken, kunst kijken, de kunstwereld, ook daar ligt zeker mijn hart.

Beide werelden, zowel de audiologie, als ook de kunst, staan voor een groot deel op het fundament van de psychologie. De psychologie van de mens, gedachten, emotie, gedrag. Het leven.

De psychologie in de kunstwereld, waarin de waarde van kunst enkel iets menselijks is. De geschiedenis, de verhalen, die het kunstwerk kunnen maken tot vrijwel onbetaalbare kunst. De materiaalwaarde bijna nul kan zijn, maar er bij een gerenommeerd veilinghuis miljoenen voor worden betaald, kunst.

En de audiologie, met alles wat ons mens maakt. Elkaar horen, maar vooral aanhoren. Een luisterend oor zijn kan van onschatbare waarde zijn.

Honesty, authencity, integrity and love.

Mat al deze elementen van HAIL in zicht begon ik al vrij vroeg dit jaar met het verzamelen van allerlei informatie over schilderijen, kunstenaars, muziekstukken en componisten. Kunstwerken die ons iets zeggen over het leven van de kunstenaar zelf. Maar dan met name de periode en de impact die gehoorverlies en tinnitus had op het leven van de kunstenaar.

De meest interessante heb ik er uit gehaald en ga ik deze lezing verder vorm geven.

Maar er zitten hier zo veel boeiende nieuwe inzichten in en zaken die ik ontdekt heb, die ik graag met jullie hier wil gaan delen.

Wordt vervolgd.

Jheronimus Bosch – Tuinen der lusten

Vincent van Gogh

Ik had al grote waardering voor Vincent Van Gogh, na het bezoek vandaag aan het Van Gogh Museum is dit enkel maar toegenomen.

Om zo dicht bij te mogen komen, geweldig! Wat een prachtig museum. Wat een prachtig mens.

Niet voor niets dat om 9 uur meters lange rijen bezoekers al te wachten staan en je enkel in jouw tijdslot naar binnen mag. Ik was een uur te vroeg en moest wel nog op mijn tijd wachten. Eenmaal binnen begrijp je waarom. Het is een enorm groot gebouw, maar het is er al zo vroeg waanzinnig druk. Alsof het de drie dolle dagen Bijenkorf zijn.

Ik had gelukkig inclusief audiotour. En daar ging ik. Eerst oog in oog met de meester zelf. Want Vincent is mister Selfie van zijn tijd. Niet omdat hij dat deed om er geld mee te verdienen, maar net omdat hij geen geld had om modellen te betalen. Daarom zijn ook al zijn portretten vanuit een spiegel getekend. Dus hij heeft zijn beeld getekend zoals hij het ziet. Als we onszelf zien, in de spiegel, zien wij ons anders dan anderen. Daarom ook is het beeld verdraaid als je een selfie maakt, want anders zou je dat raar vinden. Sowieso moeilijker om dan qua motoriek ook een selfie te maken, maar goed. Vincent schilderde dus heel vaak zichzelf als studiemateriaal.

“Ze zeggen dat het moeilijk is jezelf te kennen, maar het is evenmin eenvoudig jezelf te schilderen.”

Vincent van Gogh aan zijn broer Theo, 1886.

En als je bij deze quote “schilderen” niet letterlijk neemt maar figuurlijk, dan wordt het een wel heel diepgaande wijsheid.

Zijn zelfportretten. Stuk voor stuk de armoede in zijn ogen te zien. Maar zo’n passie voor het schilderen, de kunst. De kunstenaar die je dan recht in de ogen kijkt. Mijn hart weent op het moment ik zie hoeveel zijn kunstwerken nu opbrengen en hoeveel mensen het museum bezoeken. Per dag gemiddeld 5000! Dat zijn ongeveer het aantal patiënten wij in ons centrum per jaar zien. En al de merchandise die rondom het museum te koop is. Zelfs een hoek waarin zeer exclusieve kopieën van de meest bekende schilderijen te koop zijn. Een zeer speciale methode in samenwerking met ik dacht Fuji. Bijna niet meer van het origineel te onderscheiden. Omdat de kopie driedimensionaal is. Dus je ziet exact de streken van de schilderskwast. Ik zag zelfs dat de barsten van de tijd in de verf erin terug te zien waren. Persoonlijk vond ik de kleur iets doffer, doods, kitscherig. Maar erger vind ik dus het uitmelken van de creativiteit van deze kunstenaar. Overigens niet alleen van deze kunstenaar, breek me de bek niet open. Hier kan ik een boek over schrijven, ga ik later beslist ooit nog doen.

Één groot werk heeft Vincent verkocht. Voor ongeveer duizend euro. Daarom doet het vooral veel verdriet, omdat ik in de ogen van Van Gogh die overlevingsdrang zie als kunstenaar. Hoe moest hij rondkomen met dat geringe geld hij had. En kosten liepen enkel op. In een van zijn laatste brieven, 820 briefwisselingen zijn er van Vincent, bewaard en gebundeld door zijn schoonzus en nu ook via het museum op internet stuk voor stuk te lezen, in een van die laatste dus een hele uiteenzetting van gemaakte kosten naar zijn broer. Theo, zijn jongere broer, ondersteunde Vincent financieel. En in die laatste jaren wordt het Vincent duidelijk dat Theo een gezin moet gaan onderhouden, getrouwd en uitbreiding van het gezin op komst. Die brief aan Theo is een verantwoording voor alle kosten die hij maakt en hoe moeilijk hij het heeft.

Die druk, dat vechten, de onzekerheid en daarnaast zijn intense liefde voor de natuur, voor de mens, de gewone mens. De Aardappeleters en al zijn schilderijen van vrienden en mensen die hem er echt toe doen. Zijn arts die hem helpt in de nacht dat hij het oor afsnijdt schenkt hij een portret. Het cadeau wordt echter niet gewaardeerd. Dat raakt Vincent enorm. Net als de kritische noten die collegae kunstenaars geven op voor Vincent zelf zijn eerste grote werk “De Aardappeleters”. Vele studies en tekeningen gingen vooraf aan dit eerste echte grote schilderij. Vandaag mocht ik het werk met mijn eigen ogen zien. Voor die tijd was Van Gogh een genie. Dat blijkt maar weer.

Naast De Aardappeleters hangt in het museum een vergelijkbaar boerentafereel. Een gezin etend aan tafel, dat in dezelfde periode door collega kunstenaar Jozef Israël is geschilderd. Prachtig werk, alle details zijn heel goed te zien. Mij viel meteen die glinstering in de eetlepel van het kind links op de voorgrond op. Een zo klein detail met wel een hele grote waarde om het allemaal heel echt te laten lijken. De sfeer op het doek is zo goed neergezet, dat als je er langer naar blijft kijken je in de ruimte waant. Dus ja, voor die tijd, wetende dat er nog geen fotografie bestond, film of bioscoop al helemaal niet, een kunststuk. Voor toen zo bijzonder als virtual reality nu. Maar Van Gogh was die tijd al lang voorbij, hij bracht ook de ziel in zijn werk. Details had hij zeker oog voor, maar hij ging toen al voor meer.

Dat hij oog had voor detail blijkt mij nu het meest uit de periode dat hij in zijn laatste jaar door ziekte niet meer naar buiten kon, binnen in de kliniek moest blijven en prenten van een collega schilder ging gebruiken als voorbeeld. Hij schilderde ze groter, in kleur, maar dan ook alles precies nageteld. Zoals het aantal balen stro en traptreden.

En in een aantal van zijn werken ook vele details die ik gemist zou hebben zonder de audiotour. Insecten op blaadjes in het groen en van dichtbij dan in detail weergegeven. Of het derde verliefd koppeltje in “Tuin met geliefden” uit 1887. Dat derde verliefde koppeltje had ik eerst niet gezien, pas toen ik er alert op werd gemaakt zag ik ze in de verte. Daarin zag ik de lol die hij als kunstenaar had. Maakte me blij.

Maar ook zijn experimenteren met kleuren. In ditzelfde prachtige werk “Tuin met geliefden” zijn van ver de minuscule verfstreken niet te herkennen. Van dichtbij is het een prachtig spel van de complementaire kleuren die Van Gogh gebruikt heeft. Hij had meerdere boeken van Delacroix. Een genie op het gebied van kleurcomposities. Daar speelde Van Gogh dan ook de hele tijd mee, met die kennis van kleur.

Met steeds grotere en dikkere halen met zijn kwast. Heel herkenbaar in zijn laatste werken. Hoe mooi om die dan ook allemaal naast elkaar te mogen zien. Aandoenlijk als ik me realiseer dat zijn einde dan nabij is. Ook hij weet dat bij het schilderen.

Delen met de wereld wil hij het, doorgeven, anderen zijn ogen te geven, de mooie natuur te laten zien, deze wereld, het paradijs waarin wij ons mogen begeven.

Ik werd geraakt door zijn drieluik, perzikbloesem, amandelbloesem en ik dacht de appelbloesem. Als een bezetene heeft hij die werken gemaakt, omdat Van Gogh wist dat de bloesemtijd maar van korte duur zou zijn.

En dan, het allermooiste werk van deze genius, Amandelbloesem, ter gelegenheid van de geboorte van zijn neefje, zoon van Theo. Theo, die de liefde voor zijn broer niet enkel in geld wist te geven, maar ook in de naam van zijn zoon, Vincent.

De kunstenaar Vincent van Gogh overlijdt ten gevolge van zijn verwondingen in zijn borst. Een zelfmoordpoging, zo lijkt, die twee dagen later toch zijn tol eist. Beide broers werden niet oud, een half jaar na het overlijden van Vincent sterft ook Theo.

De jonge Vincent, de zoon van Theo, ook ingenieur Van Gogh genoemd, heeft later het Van Gogh museum opgericht en laten bouwen. Architectuur, wie anders, Gerrit Rietveld, strakke lijnen, mooie architectuur, ook modern voor zijn tijd en gelukkig Rietveld werd wel herkend in zijn werk.

Met gemengde gevoelens ging ik na vijf volle uren Van Gogh dichtbij te hebben mogen zien het Museumplein op. Even liggen op het grasveldje voor het Concertgebouw. Waar ook verliefde stelletjes liggen in het gras, opa’s en oma’s met kleinkinderen spelen. Chinezen, Duitsers, Amerikanen, alle kleuren aanwezig zijn.

“Er is niets artistiekers dan van mensen te houden”. Vincent van Gogh

Horen is meer dan enkel de oren.

Komend weekend sta ik in het theater en congrescentrum Spant! in Bussum. Op zaterdag 26 mei en maandag 28 mei voor het jaarlijkse audicienscongres AuDidact.

In de middag geef ik een lezing over psychoakoestiek, in de ochtend mag ik het congres openen met een gesproken column. Deze zal hier voor de deelnemers later terug te vinden zijn, maar voor jullie trouwe lezers van dit blog hier al de primeur.

Gesproken column Horen is meer dan enkel oren.

Het jaarlijkse audicienscongres AuDidakt staat deze keer voor een groot deel in het teken van de REM-meting. DeReal Ear Meassurement. In detail kunnen meten wat er aan versterking in de gehoorgang gegeven wordt. Meten is weten.

Meten is weten, dat zou mij als fysicus als muziek in de oren moeten klinken. Maar al vanaf het prille begin van mijn opleiding tot klinisch fysicus – audioloog werd ik geraakt door de kunst van het horen. Wat doet dat brein van ons met al die prikkels aan geluid welke wij de hele dag binnenkrijgen. Dat fascineerde mij enorm. Zo heb ik mij dan ook als audioloog gespecialiseerd in de psycho-akoestiek. De wetenschap die zich bezighoudt met hoe mensen geluiden waarnemen. Wat doet iemand met geluid? Hoe werkt dat gehoorsysteem in ons brein? Hoe horen wij?

In mijn opleiding natuurkunde in Duitsland was ik al in detail alles te weten gekomen over Decibel en Hertz. Die Kunst des Wahrnehmens. Kijken en onderzoeken. Nieuwe dingen ontdekken. Meten is weten. Maar pas in de kliniek, in de audiologie, werd ik gegrepen door ons oor, ons auditief systeem. Ik wist van de Fouriertransformatie, de mogelijkheid om van een brei aan geluiden al die frequenties in individuele frequenties uit te filteren, maar om te zien dat al die geluidstrillingen door cochlea uiteindelijk in dat brein kunnen worden omgezet in iets waar we een betekenis aan kunnen geven, dat was voor mij ongelofelijk. Hoe dat überhaupt zo alles kon groeien.

Het auditief systeem.

Dat hele proces van oorschelp tot aan de auditieve cortex. De gehoorbeentjes, hamer, aambeeld, stijgbeugel, de kleinste botjes van het menselijke lichaam. Het slakkenhuis, de cochlea, het orgaan van corti, het membraan van Reissner, de binnenste en buitenste haarcellen, de ionenstromen, kationen, calciumionen, die uiteindelijk via neurotransmitters, via al die knooppunten in het brein dat eindstation bereiken, de auditieve cortex. We weten het allemaal.

Het moment ik de werking van dit hele gehoorsysteem hier nu in deze video laat zien, horen jullie de muziek op de achtergrond, kun je waarschijnlijk ook al horen welke componist dit is, de klassieke muziekliefhebbers onder jullie zullen wellicht zelfs kunnen horen welke symfonie dit is. Tevens hoor je mijn stem, je begrijpt wat ik zeg, waar ik het over heb, je kunt zelfs de reactie van je buurman horen, die zachtjes tegen je spreekt, je hoort de ruis van de apparatuur in de zaal. Met je ogen dicht zou je zelfs kunnen horen waar al die geluiden vandaan komen.

Horen is dus meer dan enkel de oren.

Het oor zelf is al zo mooi op zich, alleen die oorschelp al. De vorm, de werking van dat hele binnenoor. Maar wat er daarna allemaal in ons brein gebeurt is geniaal. Bijna onbegrijpelijk, maar toch ga ik het proberen, om jullie vanmiddag mee te nemen in die complexiteit van dat brein. De titel van dit congres is niet voor niets: In en tussen de oren.

Ik hoop jullie zelfs handvatten te gaan geven om oplossingen te vinden voor complexe gehoorproblemen die jullie tegenkomen in de praktijk. Mogelijkheden in de hoorrevalidatie waarvan we ons tot nog toe weinig bewust van zijn. Maar net door er bewust van te worden, gaan we de mogelijkheden zien om betere zorg te leveren aan mensen die door een gehoorverlies minder goed horen.

Horen is namelijk meer dan enkel oren.

Schermafbeelding 2018-05-20 om 12.43.43

“Nicht sehen trennt die Menschen von Dingen. Nicht hören trennt die Menschen von Menschen”. Immanuel Kant, Duitse filosoof achttiende eeuw. Hij zag al dat met elkaar praten, een gesprek hebben, informatie en kennis uitwisselen, dat al dit ons eigenlijk pas echt mens maakt. Het niet kunnen zien verwijdert je van dingen om je heen, het niet kunnen horen maakt het moeilijker om je te verbinden met mensen. Een sociaal isolement is een vaak gehoord probleem bij ernstig slechthorenden.

Onlangs mocht ik op een boekpresentatie spreken van een van mijn patiënten. Saskia Boer, haar debuut Mam hoort weer! Van hoortoestel tot cochleair implantaat. Een aangrijpend verhaal van een jonge moeder die langzaamaan doof wordt. Haar eigen verhaal heeft ze geschreven in romanvorm, waar ze vanuit het perspectief van haarzelf en vanuit het perspectief van haar dochter de impact beschrijft van een progressief gehoorverlies op het leven in een gezin. Geluiden die voor ons zo vanzelfsprekend zijn om die dan te gaan missen.

Schermafbeelding 2018-05-20 om 13.02.47

Op de kaft van het boek heeft Saskia de voor haar zo bijzondere geluiden en ervaringen weergegeven. De schoenen, de kerkklok, al dit met een verhaal er bij. Maar ze beschrijft ook de andere zintuigen die daar waar mogelijk gaan compenseren. Eerder dingen zien, ruiken en voelen. Een eye-opener voor iedereen die met gehoor te maken heeft, wij allemaal dus.

Onze zintuigen worden vandaag ook geprikkeld. Mogen we ons daar vandaag nog bewuster van worden.

Dat we kunnen leren van het gesproken woord, kunnen genieten van de muziek, kijken naar beelden die onsgetoond worden in de presentaties, dat we de koffie en het gebak straks in de pauze nog sterker mogen ruiken en proeven en dat we af en toe kippenvel mogen hebben van wat ons wordt verteld.

Ik nodig jullie uit om vandaag al die zintuigen te gebruiken en je te laten informeren en inspireren, maar vooral ook om de passie in dit vak samen te delen en straks in jullie eigen werk op alle mogelijke manieren met nog meer plezier een luisterend oor te zijn voor de cliënt.

Wat een mooi vak; de Audiologie.

Ik wens jullie een leerzaam en boeiend congres toe. In en tussen de oren!

Horen is meer dan enkel oren

Gisteren een voorbespreking gehad met Dorothé van den Aker, projectmanager AuDidact.

26 en 28 mei is het zo ver. Het jaarlijkse audiciencongres in het Spant in Bussum. Bijna duizend audiciens die verspreid over twee dagen een hele dag een boeiend programma krijgen voorgeschoteld.

Het programma is al helemaal rond. En ik sta in het programma naast een zeer getalenteerd spreker Jan van Setten. Ik verheug me enorm op zijn lezing waarvan ik weet dat deze hoe ook inspirerend en leerzaam gaat zijn.

Maar aan mij ook de eer om de congresdag te mogen openen met een gesproken column. Dankzij mijn blog was het organiserend committee op het idee gekomen om mij te vragen de congresdag te openen. Het publiek meteen mee te gaan krijgen.

De titel van het congres is “In en tussen de oren”. Mijn column “Horen is meer dan enkel de oren”.

Audiologie is zo’n een mooi vak. De passie die ik heb in dit vak wil ik gaan delen met mijn collega’s. Als audioloog in een van het grootste audiologische centrum van Nederland wil ik zo graag die zorg voor slechthorenden verbeteren. De samenwerking tussen al die disciplines, huisarts, KNO-arts, audicien, audioloog, maatschappelijk werker, psycholoog en veel meer, is zo belangrijk voor een succesvolle hoorrevalidatie. Ieder zijn eigen specialisme kunnen inzetten in dat bijzonder mooi vak, audiologie. Vanuit ons centrum besteden we heel veel aandacht om die samenwerking in het netwerk continu te verbeteren.

Het hoofdthema van het congres is de Real Ear Measurement, de REM-meting. Tot in detail kunnen meten en weten wat een hoortoestel doet. Meten is weten zou voor mij als fysicus als muziek in de oren moeten klinken. Maar al vanaf het prille begin van mijn opleiding tot klinisch fysicus – audioloog werd ik geraakt door iets anders, de kunst van het horen.

Geniaal hoe dat oor werkt. Die kleine gehoorbeentjes, de kleinste botjes van het menselijke lichaam, bijna een speldenkop zo groot, beter gezegd zo klein. Die duizenden haarcellen in dat slakkenhuis, de cochlea, met in het midden het eigenlijke gehoororgaan, het orgaan van Corti. De binnenste en buitenste haarcellen. De ionenstromen, de kanaaltjes, al deze informatiestromen die uiteindelijk dan samenkomen in het brein.

Maar wat doet dat brein van ons met al die prikkels aan geluid welke wij de hele dag binnen krijgen. Dat was voor mij nog fascinerender om daar bij stil te staan.

Zo heb ik mij dan ook als audioloog gespecialiseerd in de psycho-akoestiek. Wat doet iemand met geluid. Hoe werkt dat oorsysteem in ons brein? Hoe horen wij?

In mijn opleiding natuurkunde in Duitsland had ik al in detail alles geleerd over Decibel en Hertz, die Kunst des Wahrnemens, de basis voor de fysica. Kijken en onderzoeken. Maar pas in de kliniek, in de audiologie, werd ik gefascineerd door ons oor, het oorsysteem. Ik wist van de Fouriertransformatie. De mogelijkheid om van een brei aan geluiden, al die individuele frequenties er uit te kunnen filteren. Ingenieus om te zien dat al die trillingen door dat minuscule slakkenhuisje uiteindelijk in het brein kunnen worden omgezet in iets waar we een betekenis aan kunnen geven.

Op het moment ik dit nu schrijf hoor ik dat het buiten regent, de druppels op de bladeren in de bomen vallen, ik hoor in de verte een auto rijden, ik hoor vogeltjes fluiten, een duif, een pimpelmees, een mus, ik hoor mijn eigen ademhaling, het tikken van mijn vingers op het scherm. Al die geluiden komen tegelijk binnen en ik kan precies horen waar ze vandaan komen, maar ook interpreteren waar de geluiden aan verbonden zijn, een voorstelling maken van die druppels, de vogels, die autobanden op de weg.

Horen is meer dan enkel oren. Wat er daarna in ons brein gebeurt is geniaal. Onbegrijpelijk, maar toch ga ik het proberen, om al die audiciens in Nederland mee te nemen in die complexiteit van dat brein. Om van daaruit zelfs handvatten te vinden voor alledaagse problemen bij het horen, waarvan we ons tot nog toe weinig bewust zijn. Maar net door er bewust van te worden, gaan we mogelijkheden zien om betere oorzorg te kunnen leveren. Horen is namelijk meer dan enkel oren.

Wat een mooi vak, de audiologie.

Delen mag! 😉

Vrijdag de dertiende

Vrijdag de 13de, zullen we maar zeggen.

Zit je twee uur in de trein naar Utrecht. Met m’n drukke agenda had ik mij voorgenomen die tijd nog te gebruiken om mijn presentatie te finetunen. Dat doe ik wel vaker. Het laatste moment nog even creatieve invallen of nog net de laatste actualiteiten toevoegen aan een lezing.

Zo ook deze keer, ik had plaatjes met aandacht voor Misofonie Nederland, ik had een dia met extra de punten van aandacht voor tinnitus bij kinderen, de niet interessante dia’s toch maar verwijderd. Alles bij elkaar zag ik dat ik te veel dia’s had, dus nog wat meer verwijderd, want liever in een rustig tempo iets vertellen dan dat ik als een sneltrein er doorheen moet gaan. Nog wat overgangen beter laten lopen. Dia’s in volgorde veranderd. Klaar.

Dacht ik.

Nog nooit problemen gehad met het aansluiten van mijn laptop op welke beamer of ander systeem dan ook. Maar nu, nu ging het dan een keer goed mis. De techniek liet mij helemaal in de steek, op geen enkele manier was er de koppeling te maken met de beamer. Aan uit, esc, control en F3, niets veranderde ook maar iets, het scherm bleef zwart.

Gelukkig, had ik vorige week die geniale ingeving gehad om de lezing die ik voorbereid had al op stick te zetten, want stel je voor dat…, dan heb ik in ieder geval een power point versie, zo dacht ik nog. Want ik werk met Apple, dus sowieso moet die Keynote versie dan nog eerst geëxporteerd worden naar een Power Point document om het bestand überhaupt te kunnen gebruiken.

Maar ja, in die oude versie, geen aanpassingen, geen nieuwe dia’s, geen aandacht voor tijd.

Improviseren maar! Kijken wat er komt en daar een passend verhaal bij vertellen en omwille van tijd de vaart er goed inhouden. En dat alles met toch ook nog de rode draad volgen en aandacht houden voor het thema; Kinderen en tinnitus.

Vrijdag de dertiende, zullen we maar zeggen.

Help, mijn dokter is ziek!

De griepgolf houdt langer aan dan verwacht. In de Zuyderland ziekenhuizen zijn er zelfs heel veel artsen ziek waardoor er diensten in het ziekenhuis moeten worden aangepast en operaties worden uitgesteld. Dus ja, mensen die in de gezondheidszorg werken kunnen ook ziek worden. Sterker nog, het risico om goed ziek te worden lijkt mij zelfs groter.

Sowieso, mensen die er voor kiezen om in de gezondheidszorg of in de dienstverlening te gaan werken, willen in de basis graag mensen helpen. Vanuit het diepste van hun hart er voor een ander kunnen zijn. Zeker binnen de verpleging, maar ook gewoon al binnen de zorg algemeen.

Een goede arts heeft een groot empathisch vermogen. De beste arts luistert actief naar zijn patiënt, enkele woorden zijn genoeg om al een idee te krijgen van wat de hulpvraag is. Maar we kennen het allemaal, de arts die maar één minuutje luistert naar je verhaal en meteen zijn diagnose stelt en je als het ware de deur uitwerkt, zal weinig succes hebben. De patiënt voelt zich dan niet gehoord. En gaat ontevreden naar huis en terecht. Het gesprek, de tijd er voor nemen om echt te luisteren, kan in mijn ogen nog veel meer betekenen dan het pilletje dat wordt voorgeschreven. Een luisterend oor hoeft niet direct de oplossing van de klacht te zijn, maar kan wel een mogelijkheid bieden om eens open en eerlijk, in een vertrouwde setting aan iemand met een professionele blik, het hart kunnen luchten.

Vandaar dat artsen met een groot empatisch vermogen in de gezondheidszorg een hoge waardering krijgen. Betere beantwoorden aan de hulpvraag van patiënt en zelfs zonder ingrijpen of medicatie iemand “beter kunnen maken”.

Met zorgkaartnederland.nl krijg je daar nog meer zicht op. Artsen die ik goed ken, waarvan ik weet dat ze tijd nemen voor hun patiënten en heel sterk aanvoelen wat de patiënt te vertellen heeft en actief luisterend een gesprek hebben, zij scoren hoog. Patiënten zijn zelfs bereid om hun tevredenheid te delen met anderen en nemen de moeite om online een score en referentie te geven.

Maar, die mooie eigenschappen, het luisterend oor, tijd nemen voor patiënt, groot empathisch vermogen, al die kwaliteiten zijn net ook de valkuilen. Er voor iemand willen zijn, kan ook betekenen dat op het moment het heel druk is, toch graag die tijd voor de patiënt genomen wordt. Ondanks dat er nog een hele stapel aan administratie en telefonische consulten ligt, de zelfstandig professional die zijn eigen verantwoordelijkheid daarin kan nemen, dan toch maar de tijd neemt om nog even een patiënt of collega tussendoor te helpen. Misschien zelfs “gewoon” even in de pauze. Want dat empatisch vermogen zet je niet zo maar even uit. Er voor een ander echt willen zijn, zet je niet even opzij op het moment je het zelf enorm druk hebt.

En chronisch je grenzen overschrijden, niet luisteren naar je eigen lichaam, geeft op termijn lichamelijke klachten. Daarom denk ik dat mensen die in die zorgsector of dienstverlening werkzaam zijn, een groot risico lopen om zelf ziek te worden.

Grenzen bewaken, af en toe “nee” durven zeggen. Een goede balans houden tussen de energievreters en energiegevers. Ik weet het allemaal, ook ik moet er continu op letten. En genoeg collega’s die ik hiermee zie struggelen.

Ook ik heb er van moeten leren. Niet voor niets dat ik me zo goed kan vinden in mijn eigen patiënten. Zij hoeven eigenlijk maar één woord te zeggen en ik weet wat ze bedoelen. Alleen ieder heeft zijn eigen verhaal, zijn eigen life-events. Het is dan toch altijd weer belangrijk om van elk individuele patiënt het verhaal te horen om een passend advies te kunnen geven. Tijd te nemen om echt te luisteren naar wat er echt toe doet.

En als ik het dan heb over het glas, das Glas der Lebenzakzeptanz, dan zie ik zelf ook mijn eigen glas. Iedereen heeft zo zijn eigen glas, niemand heeft een leeg glas. Altijd zullen we iets in ons glas hebben zitten. Het is echter van groot belang om een balans te vinden. Het glas niet te laten overlopen. En als het overloopt, daar de ruimte voor nemen, het toe te laten en met kleine stappen weer rust gaan creëeren, pas op de plaats te maken en even te focussen op vooral dat wat energie geeft, vreugde schept, je sterk maakt.

We weten het allemaal, maar het leven is continu leren en ervaren. En ook een arts kan af en toe ziek zijn of een luisterend oor nodig hebben. Tenslotte zijn we allemaal gewoon maar een mens.

Tips die ik zelf probeer toe te passen:

Stel jezelf haalbare doelen. Het geeft veel meer voldoening als je iets gedaan krijgt wat ook kan. De lat niet te hoog leggen, in trapjes omhoog klimmen en af en toe even pas op de plaatst en om je heen kijken om te zien wat je al hebt, dankbaar te zijn met ook al ogenschijnlijk kleine dingen, bewust zijn van wat je hebt geeft een goed gevoel en energie om weer door te gaan.

Kwaliteit is belangrijker dan kwantiteit. Bewust ervaren wat je voor elkaar krijgt, wie je bent, waar je bent, maakt gelukkiger. Geeft kracht.

Het oude loslaten en het nieuwe accepteren. Zij die zich het beste kunnen aanpassen aan nieuwe situaties zijn het sterkst. Darwin gaf dit ook al aan, niet de sterkste overwint, de slimste en degene die zich makkelijker aan een omgeving aanpast.

Successen vieren, complimenten aanvaarden, het liefst zelfs ergens bewaren, opschrijven. En niet een compliment wegwuiven met een opmerking als “Ach, dat valt wel mee” of “Dat is toch heel normaal”.

Vooral ook lief en aardig voor jezelf zijn!

De wereld verbeteren?

Ik weet niet hoe het jou vergaat, maar de laatste tijd zie ik enkel ellende om mij heen als ik de krant open sla, het nieuws kijk, 1Vandaag of De Wereld Draait Door.

Trump en Kim Jong Oen, ik ga die naam bewust nooit goed schrijven, die twee idioten, die over ruggen van de hele wereldbevolking hun ego’s proberen hoog te houden.

Een genocide in Myanmar die zich onder ogen van diezelfde wereldbevolking voltrekt en er schijnbaar niets mogelijk is om die arme mensen daar te helpen. Nu zelfs op grote schaal sporen vakkundig worden gewist om eventuele onafhankelijke partijen geen enkel bewijs te laten vinden van het schenden van mensenrechten op politiek niveau.

Israël en Palestina waar je op wereldniveau een strijd ziet die zo onmenselijk is en op momenten zo kinderachtig dat je je sterk afvraagt waar gaat dit in vredesnaam nog over. Mensen elektrische stroom ontnemen? Mensen gewoon treiteren alsof het een kleuterschool is om ze letterlijk en figuurlijk uit de tent te lokken.

Elke dag weer komt er wel zo’n bericht via media tot ons.

Terwijl dicht bij huis, familie en vrienden om je heen, iedereen met afschuw reageert op weer een schandaal rond Trump. Dat vrienden die vroeger regelmatig Palestina bezochten, geen enkele strijd zien tussen een Israëliër en een Palestijn. Sterker nog, beide groeperingen kunnen heel goed samenwerken. Als vrienden door het leven gaan en elkaar waar nodig is helpen.

Dicht bij huis is er wel vrede, dicht bij huis houden we ons wel aan alle regels en denken we aan anderen.

Deze week sprak ik met Kim Noach, een jonge journaliste bij De Limburger. Zij was gevraagd het draaiboek te organiseren voor een boekenpresentatie en tevens gastvrouw te zijn voor deze avond. Ook hier weer compassie, medeleven en er voor elkaar willen zijn in die wereld om ons heen. Het respect en interesse zij had in het verhaal van Saskia Boer was hartverwarmend. Saskia Boer, de schrijfster van het boek “Mam hoort weer!”. Het verhaal van een jonge moeder die langzaam doof wordt. De impact op het leven van de moeder, maar ook mensen om haar heen. Ik zag de compassie, het empatisch vermogen bij Kim om zich volledig te verplaatsen in het leven van Saskia. Zij gaf Saskia ook een mooi podium om haar verhaal te vertellen.

Tussen de bedrijven door sprak ik met Kim hierover, de negativiteit in het nieuws en de aandacht in de media voor enkel het slechte in de wereld.

Besmetten we elkaar net niet meer met het negatieve om ons heen, op het moment we blijven focussen op al dat negatieve? Gaan we niet dan ook Trumpiaans denken, omdat die houding, dat denken enkel een gewin lijkt te geven? “Teflon Trump” wordt die gek nu al genoemd. Geen enkele president zou namelijk nog aan de macht zijn, met ook maar een fractie aan schandalen waar Trump steeds mee weg komt. Tja, als de president zich al niet aan regels hoeft te houden, waarom ik dan?

Wat kunnen wij daar aan veranderen? Welke macht hebben wij om invloed te hebben op wat er in de wereld om ons heen gebeurt?Machteloos voel ik me als ik er naar kijk.

Ik vraag me dan toch steeds maar weer af, waar is er een mogelijkheid zodat ik toch hierin iets kan betekenen?

En toen zag ik het, deze week in het gesprek met Kim. De kracht zit hem namelijk enkel en alleen in het blijven focussen op het goede. Het goede voorbeeld blijven geven aan onze kinderen, de volgende generatie. Een inspiratiebron zijn voor anderen. Zelfs met de kleinst mogelijke gebaren.

Door er te zijn voor anderen, enkel met goede bedoelingen elkaar helpen, helpen zonder een tegenverwachting, het hoeft niet op die balans, het is ook fijn om er gewoon voor een ander te zijn, zonder iets terug te verwachten.

Maar het begint heel eenvoudig al met elkaar een goeie dag te wensen als je elkaar tegenkomt. Gewoon even een vriendelijke lach en een hallo, kan al heel veel betekenen.

Gelukkig zie ik dat ook in mijn eigen wereld, dichtbij om me heen steeds meer. Onvoorwaardelijke liefde voor de mensen om je heen. Gewoon vanuit een goed hart, goed doen.

Een inspiratiebron zijn voor iemand anders. Al is dat er maar één, één is er al meer dan géén.

Die goedheid gaat zo in kracht winnen en als voorbeeld zijn, zodat het gedrag van een Trump, een Kim Jong Oen, maar ook het gedrag van al die rotte appels bij een Oxfam Novib, Rode Kruis of welke instantie ook, dat zij die het verprutsen voor al die anderen, geen enkele kans krijgen om er ook maar even aan te denken om slecht te doen. Alles zal in het teken staan om wereldvrede te bereiken, want dat is voor iedereen het hoogste doel.

Enkel een handeling of besluit dat bruggen bouwt en verbindt wordt geaccepteerd. Al het andere dat ook maar iemand in een hokje stopt of een onderscheid maakt in ras, geloof, rang of stand wordt van tafel geveegd. Is not done! Kan gewoon niet meer anno 2018.

Als we laten zien dat samenwerken met verschillende nationaliteiten en religies wel kan, als we zij die hulp nodig hebben vanuit een respectvolle manier kunnen helpen. Er voor iemand kunnen zijn, die ons zelfs op voorhand al niets kan gaan teruggeven. Als we ons verdiepen in iemands andere kijk op het leven, zonder een oordeel te geven. Dan kan die wereld toch echt wel anders zijn.

En het mooie is, dit alles gebeurt elke dag al gewoon om ons heen! Ik zie het bijna voortdurend als ik er op let. Het zit ook al standaard in ons. Wij mensen willen helpen, willen er zijn voor elkaar. We zijn sociaal en willen net samen zijn met elkaar. Lol hebben. Gezellig samen zijn. Een vanzelfsprekendheid. Dat geeft net de jus in het leven en een heel fijn gevoel.

Voor de meeste van ons ook zo vanzelfsprekend dat we het bijna niet meer zien. En ik ben er van overtuigd dat als we met zijn allen weer meer zouden gaan focussen op het goede om ons heen. Dan kan de wereld enkel beter gaan zijn.

La Sagrada Familia en het Glaspaleis

Ter voorbereiding van een boekpresentatie was ik vandaag in het Glaspaleis in Heerlen. Een uitzonderlijk architectonisch gebouw. Om te laten zien hoe ingenieus de constructie is, staan er een aantal maquettes in de bibliotheek. In deze maquette (foto: maquette Jos Dreissen) kun je heel goed het geraamte zien, de basis waarop dit alles gebouwd is. Het gehele gebouw steunt namelijk enkel op de pilaren die in het midden te vinden zijn.

Dit is zo ingenieus bedacht, toen in 1933, door de Heerlense architect Frits Peutz. Normaal bouw je een huis of een gebouw op vier muren. Hier is enkel glas aan de buitenkant, geen muren. Vandaar ook de naam Glaspaleis. Sowieso, kijk eens naar die hoeveelheid aan glas. Dat is echt ongelofelijk.

En dan die pilaren, de vorm, een zo natuurlijke vorm. Ze laten mij meteen denken aan de pilaren in de La Sagrada Familia van Antonio Gaudí, Barcelona. Het meest indrukwekkende gebouw ik ooit heb mogen aanschouwen. Het verhaal erachter, het leven van de kunstenaar zelf, Antonio Gaudí, boeken zijn er over geschreven. En al die andere creaties die hij heeft ontworpen en gecreëerd stuk voor stuk kunstwerken.

Gaudí heeft zijn dromen tot leven kunnen maken. Zo veel ingenieuze ideeën en plannen die mensen kunnen hebben, maar je moet ze ook maar waar kunnen maken. Gaudí deed dat in een tijd waarin dat eigenlijk onmogelijk was, begin 19de eeuw.

Zou Peutz geïnspireerd zijn door het werk van Gaudí?

Gaudí overleed in 1929 bij een verkeersongeval met een tram, midden in de stad. La Sagrada Familia was het laatste grote werk waar hij op dat moment aan het werk was. Een levenswerk, anno 2018 wordt er nog elke dag aan gewerkt, de bouw is nog lang niet af. Oplevering is gepland in 2026.

Gaudí was in die tijd al wereldberoemd. Het zou zo maar kunnen dat in die jaren dertig Peutz al een bezoek had gebracht aan dit bijzonder architectonisch kunstwerk in Barcelona. En hij in die periode geïnspireerd is geraakt en zo het Glaspaleis ontwerpt?

Een prachtig ontwerp trouwens, Schunck*, het Glaspaleis, de eenvoud, maar toch zo magistraal, op de een of andere manier zag ik het gisteren pas. Wat een bijzondere plek dat is.

Nu ik het hier zo schrijf bedenk ik dat het mij pas zichtbaar werd doordat Saskia Boer mij een rondleiding gaf. Zij is de schrijfster van het boek “Mam hoort weer!”. Haar debuut. Woensdag gaat ze dit boek aan het grote publiek presenteren. Zij zelf werkt in het Glaspaleis, in de bibliotheek en in het museum. Trots liet zij mij dit alles zien, zij vertelde mij ook van het glas en het verhaal van de pilaren. Pas toen zij mij dit alles vertelde zag ik het.

Saskia is ernstig slechthorend tot zelfs audiometrisch doof. Daarover schrijft ze ook in haar eerste boek. Een aangrijpend verhaal over een ernstig slechthorende moeder en haar goedhorende dochter. Zo helder en fijn geschreven dat het een mooi verhaal is om te lezen. Drempelverlagend, zij laat de lezer zien hoe complex het is om in deze horende wereld slechthorend of zelfs doof te zijn. Het onbegrip, het onzichtbare, de impact op het leven.

Saskia heeft een cochleair implantaat, een bionisch oor. Zonder dit hulpmiddel hoort ze dus helemaal NIETS. Met het cochleair implantaat, het CI, hoort ze wel, maar dan nog steeds als slechthorende. Vandaar ook dat zij meer visueel ingesteld is. Tijdens de rondleiding die Saskia mij gaf, lag er een papieren propje op de trap, zij zag het en raapte het op, om het later in de prullenbak te gooien. Zij zag het, ik niet.

Zo liet zij ook mij door haar ogen zien, hoe mooi die plek daar is, het Glaspaleis, hartje Heerlen. Ik ga er binnenkort een hele dag naar toe, het museum, de bibliotheek, je kunt er zo een dagje doorbrengen. Heb er nu zelfs twee mensen werken die ik ken, Saskia Boer en mijn eigen grote neef Hub Pieters. Ook hij is een bijzonder mooi mens, belezen en een groot dichter, schrijver van al enkele boeken én muziekliefhebber. Dank zij hem is mijn liefde voor muziek ontstaan. In de jaren tachtig werd ik regelmatig samen met mijn twee broertjes naar ome Giel en tante Mien gebracht. In de vakantieperiode, op het moment mijn ma in het ziekenhuis ging werken werden wij naar Heerlen gebracht. Daar verheugden wij ons dan op, op de grotere neven die zo’n tien jaar ouder zijn. Zij hadden platenspelers en grote posters aan de muur. Muziek was hun passie. Yes, Marillion en The Alan Parsons Project. En laat net nu die laatste groep een prachtig muziekproject gemaakt hebben rondom Antonio Gaudí. Een muzikale ode aan een groot kunstenaar.

Mooi is, dat dit muzikale project pas later is uitgekomen, in de tijd dat de compact disc door Philips was ontwikkeld en werd geïntroduceerd. De CD was toen nog zo nieuw. Er was zelfs een radioprogramma waarin elke week de laatste CD’s werden gedraaid die dan in die maand waren uitgekomen. Brothers in Arms van de Dire Straights is denk ik toen zo bekend geworden, omdat net die CD ook de eigenschap had om absolute stilte te laten ervaren in de muziek. En de bastonen zo diep te laten klinken.

In die periode kwam Brothers in Arms op nummer 1, maar ook Gaudí van The Alan Parsons Project. Ik was verkocht.

Gaudí, is de allereerste CD die ik van mijn spaarcenten kocht.

Mijn eerste CD, ik had zelfs nog geen CD-speler. Niet veel later wel en toen heb ik die CD helemaal grijs gedraaid. Grappig, met een CD kon dat dus eigenlijk helemaal niet meer! Grijsdraaien. Maar toch, grijsgedraaid dus.

Gaudí, The Alan Parsons Project. Het zijn stuk voor stuk bijzonder mooie muzikale verhalen, maar het meest indrukwekkende is toch de intro. Ook die stem die dan kort vertelt over Antonio Gaudí en de geschiedenis van La Sagrada Familia. Dat eerste nummer op de CD heet dan ook La Sagrada Familia.

Ik was al verliefd op het gebouw voordat ik er geweest was. En nu komt nog iets heel bijzonders dat de cirkel helemaal rond maakt. Op de voorkant van het boekje dat bij de CD zat, zie je een foto van een van die trappenhuizen in La Sagrada Familia die Antonio Gaudí ontworpen had. Gaudí is gek op de natuur, vormen uit de natuur. En als je van bovenaf in zo’n trappenhuis naar beneden kijkt, dan zie je een slakkenhuis, de cochlea. De cochlea, waar dit verhaal over gaat, dit boek. De cochlea, het binnenoor. Want zonder dat binnenoor, is er geen muziek. En dan zijn we terug waar het deze keer om gaat, bewust worden van de impact die het op iemands leven heeft om niets meer te horen. Doof te zijn. Er begrip voor te hebben, rekening te houden met de beperking die een sterk verminderd gehoor geeft. Daar gaat het boek over. Een aangrijpend verhaal over iets dat de meesten zo maar als vanzelfsprekend aannemen, een goed gehoor.

La Sagrada Familia, The Alan Parsons Project

Boekpresentatie Saskia Boer